B9 11727. Vzr. Rechtbank Breda, 9 oktober 2012, KG ZA 12-446, TKS S.A. tegen A. (met dank aan Thomas Conijn en Samantha Brinkhuis, De Brauw Blackstone Westbroek).
Auteursrecht. Merkenrecht. Vonnis in geschil over de onder namakers ogenschijnlijk populaire ICE-WATCH horloges (zie ook B9 11664). I.c. betreft het een douanebeslag van een zending van 510 namaak ICE-WATCH horloges. De vzr. wijst het merken- en auteursrechtelijke inbreuk verbod toe en oordeelt daarbij dat gedaagde alleen al betrokken is (al dan niet als tussenpersoon) bij de inbreuk, omdat de zending met inbreukmakende waren aan gedaagde is geadresseerd.
4.4. A. betwist dat zij degene is die de inbreuk op de intellectuele eigendomsrechten van TKS maakt. Het enkele in- en uitvoeren van waren waarop een inbreukmakend teken is aangebracht, wordt echter al gezien als een ongeoorloofd gebruik van een merk als bedoeld in artikel 2.20 lid 2 van het Beneluxverdrag intellectuele eigendom (hiema: BVIE). In dat verband stelt de voorzieningenrechter vast dat de zending met inbreukmakende waren aan A. is geadresseerd, zodat zij betrokken is bij de invoer van de namaakproducten. Zij stelt dat zij de inbreukmakende waren niet heeft besteld en ook niet heeft betaald. Daaruit vloeit echter nog niet voort dat A. niet betrokken kan zijn bij de merkinbreuk. Dat A. belangeloos aan een onbekende persoon toestemming geeft om een zending met onbekende inhoud naar haar huisadres te sturen, acht de voorzieningenrechter niet geloofwaardig. Daar komt bij dat een dergelijke handelwijze niet voor risico van TKS maar van A. dient te komen. Overigens kan, indien dc stelling van A. juist zou zijn, de vordering onder I ook op grond van artikel 26d van de Auteurswet en artikel 2.21 lid 3 van het BVIE worden toegewezen tegen A. omdat zij als tussenpersoon voor een inbreukmakende partij heeft meegewerkt aan een auteursrechtinbreuk en merkrechtinbreuk.
Lees het vonnis hier.