De keuze voor de inzet van een verborgen camera
Print pagina
B9 11451.Rechtbank ’s-Gravenhage, 11 juli 2012, gevoegde zaken HA ZA 09-3472 en 11-2819, Pretium Telecom B.V. tegen TROS en TROS tegen Pretium Telecom B.V. (met dank aan Bertil van Kaam & Remco Klöters, Van Kaam Advocaten).
Mediarecht. Eindvonnis in bodemprocedure tussen Pretium en de Tros over een uitzending van het consumentenprogramma Tros Radar. In het programma werd aandacht besteed aan de vermeende agressieve of onfatsoenlijke belpraktijken van Pretium bij het benaderen van potentiële klanten. En gedeelte van de reportage betrof beelden die met een verborgen camera waren gemaakt van een introductiecursus van nieuwe medewerkers van het callcentrum dat de telefonische verkoop voor Pretium verzorgde.
Kort gezegd stelt Pretium dat de Tros onrechtmatig jegens haar heeft gehandeld en zich heeft bediend van onzorgvuldige journalistiek. Die stellingen volgt de rechtbank niet. De beschuldigingen die de Tros in het programma heeft geuit vonden ten tijde van de uitzending voldoende steun in het beschikbare feitenmateriaal en de keuze voor de inzet van een verborgen camera was daarbij niet onzorgvuldig. Net als de Hoge Raad in de voorafgaande kort geding procedure, oordeelt de rechtbank dat de maatstaf in Leidraad van de Raad voor de Journalistiek die stelt dat opnemen met verborgen apparatuur in beginsel ontoelaatbaar is, geen rechtens aan te leggen criterium is en niet doorslaggevend is bij de beoordeling van de rechtmatigheid. Naar mening van de rechtbank vormde de keuze van de Tros i.c. wel degelijk een adequaat en proportioneel middel.
Wel hebben beide partijen ieder €500.000,- aan dwangsommen verbeurd. Pretium, omdat zij na een eerder tussenvonnis niet de alle geluidsopnamen van de telefoongesprekken met consumenten van de infiltrant van de Tros en de cursusleider heeft afgegeven aan de Tros en de Tros, omdat zij, na een incidenteel vonnis, niet al het met de verborgen apparatuur gemaakte ruwe beeld- en geluidsmateriaal heeft afgegeven aan Pretium. De rechtbank oordeelt dat deze geldschulden van gelijke omvang tussen partijen over en weer teniet zijn gegaan.
Lees het vonnis hier. Eerdere uitspraken en conclusies hier.

























