Een voorlopig inbreukverbod lopende de geschorste hoofdzaak
Print pagina
B9 11784. Rechtbank ’s-Gravenhage, enkelvoudige kamer voor het kwekersrecht, 24 oktober 2012, HA ZA 12-191, Oprins Plant N.V. tegen Eurotree Boomkwekerijen Horst B.V. (met dank aan Rogier de Vrey, C'M'S' Derks Star Busmann).
Kwekersrecht. Vonnis in incident. Eiseres Oprins stelt dat gedaagd inbreuk maakt op haar communautair kwekersrecht m.b.t. het Ilex Crenata Thunb-ras ‘BLONDIE’ (een hulstsoort). Gedaagde zou zonder toestemming teeltmateriaal vermeerderen en verkopen. Eiseres heeft conservatoir beslag tot afgifte gelegd en vordert incidenteel een voorlopig inbreukverbod voor de duur van het geding. Gedaagde vordert schorsing van de procedure lopende de door gedaagde ingestelde nietigheidsactie bij het CVPO. Eiseres verzet zich niet tegen een schorsing in de bodemzaak, maar wel tegen een schorsing van de beoordeling van de incidentele vorderingen.
De enkelvoudige kamer voor het kwekersrecht van de rechtbank Den Haag wijst de vordering tot schorsing in de bodemzaak toe, maar niet het verzoek tot schorsing van de incidentele vorderingen. De rechtbank wijst vervolgens het gevorderde voorlopige inbreuk verbod toe (“zeker nu de hoofdprocedure vooralsnog wordt geschorst, heeft Oprins er een gerechtvaardigd belang bij dat wordt beoordeeld of voorlopige maatregelen dienen te worden gelast”). Ook de vordering tot inzage ex art. 843a Rv wordt, ondanks de schorsing in de hoofdzaak, toegewezen.
4.10. Tegen de Eurotree naar voren gebrachte nietigheidsargumenten voert Oprins voorts gemotiveerd verweer, Dit verweer komt voorshands niet ongegrond voor, Voor de juistheid van de stellingen van Eurotree is geen bewijs overgelegd en zij kunnen in het kader van dit incident niet nader worden onderzocht, zodat naar voorlopig oordeel geen sprake is van een gerede, dat wil zeggen serieuze, niet te verwaarlozen kans dat het ingeroepen kwekersrecht nietig of vervallen zal worden verklaard.
(…) 4.13. Eurotree bestrijdt niet dat aan alle voorwaarden voor toepassing van artikel 843a Rv lid 1 is voldaan. Voor een incidentele vordering tot inzage in de beschrijving en afgifte van de monsters geldt echter dat voor toewijzing van deze eveneens als voorlopige voorziening in de zin van art 223 Rv. te beschouwen maatregel alleen aanleiding bestaat indien Oprins er voldoende spoedeisend belang bij heeft al tijdens de hoofdzaak te beschikken over beschrijving en de monsters. Gezien de schorsing van de hoofdzaak is dat echter niet zonder meer in te zien. Omdat echter kennisname van de beschrijving en onderzoek van de monsters mogelijk ook leiden tot informatie die nuttig kan zijn voor de beoordeling van de geldigheid van het kwekersrecht en Eurotree zich bovendien niet verzet en evenzeer uitsluitsel wenst, zal ook deze incidentele vordering worden toegewezen.
Lees het vonnis hier.

























