Praktijkgebied IE |
Dossiers |
IE Agenda |
|
“Gebruik Koninklijk wapen. Alleen de Koningin mag het Koninklijk wapen voeren. Ondernemingen die van de Koningin het predicaat 'Bij Koninklijke Beschikking hofleverancier' hebben ontvangen, mogen een wapenschild in hun zaak ophangen met een moderne, aangepaste versie van het Koninklijk wapen. Het auteursrecht van dit wapenschild ligt bij het hoofd van het Huis Oranje-Nassau.” (Website Justitie)
Het wapen bestaat sinds 1815. In 1907 is het wapen aangepast en in 1980 (Afbeelding v.l.n.r.) is het opnieuw officieel vastgesteld (Stb. 1980, 206, zie hieronder).
Geef aan hoe de zinsnede “Het auteursrecht van dit wapenschild ligt bij het hoofd van het Huis Oranje-Nassau.” zich verhoudt tot het algemene wettelijk kader van de Auteurswet. Betrek in uw antwoord o.a. de begrippen ‘duur van het auteursrecht’, ‘eigen oorspronkelijk karakter’, zelfstandig karakter, ‘erfopvolging’ en 'overdracht bij akte'. Indien de tijd het toelaat is het toegestaan om ook de merkenrechtelijke apecten van deze casus te bespreken.
Besluit van 24 juli 2010 tot benoeming van de voorzitter en de leden van de Commissie auteursrecht.
Artikel 1: Tot voorzitter en lid van de commissie auteursrecht wordt benoemd mr. E.J. Numann, te ’s-Gravenhage.
Artikel 2: Tot leden van de commissie worden benoemd:
– mw. prof. mr. M. de Cock Buning te Amsterdam;
– mr. B.J. Drijber te Wezembeek-Oppem (België);
– prof. mr. P.B. Hugenholtz te Amsterdam;
– mr. N. van Lingen te Amsterdam;
– mw. prof. mr. J.E.J. Prins te Gilze en Rijen;
– prof. mr. A. Quaedvlieg te Nijmegen;
– prof. mr. M.R.F. Senftleben te ’s-Gravenhage.
Artikel 3: De voorzitter en de leden worden benoemd voor een periode van vier jaar.
Artikel 4: Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 26 juli 2010.
Staatscourant, donderdag 5 augustus, jaargang 2010, nr. 12322.
Kamerstukken. Aanhangsel der Handelingen nr. 2888. Antwoorden op vragen van het lid Peters (GroenLinks) aan de staatssecretaris van OCW over de beperkte uitleenmogelijkheid van e-books door bibliotheken (ingezonden 28 april 2010).
Vraag 5: Is het waar dat er wel een wettelijke regeling is voor leenvergoedingen van gewone boeken, maar dat die er niet is voor e-books? Zo ja, bent u bereid dit wel wettelijk te regelen?
Antwoord 5: De Auteurswet regelt dat een auteur het exclusieve recht heeft zijn werk openbaar te maken en te verveelvoudigen. De wet maakt hierop een aantal uitzonderingen, onder meer voor uitleningen van boekexemplaren – of verveelvoudigingen daarvan – door openbare bibliotheken. De uitzondering geldt voor de uitleningen van werken die op een fysieke drager zijn vastgelegd, waaronder papieren boeken, en niet voor digitale versies van boeken die online worden uitgeleend. Het invoeren van eenzelfde uitzondering voor e-books zou, los van de wenselijkheid daartoe op dit moment, in strijd zijn met Europese wetgeving.
Rechtbank ’s-Gravenhage, 23 juni 2010, HA ZA 08-1916,Stichting NORMA, Pieter Blok, Carel Kraayenhof, c.s. tegen De Staat der Nederlanden (met dank aan Christiaan Alberdink Thijm, Solv)
Auteursrecht. Geen strijd met wet, richtlijn, driestappentoets en beginselen behoorlijk bestuur door Thuiskopie-AMvBs (Stb. 2006, 206, ongewijzigde vaststelling voorwerpen waarvoor heffing is verschuldigd, geen toevoeging nieuwe voorwerpen alsMp3-spelers en harddiskrecorders). Geen handhaving IE-rechten dus geen 1019h proceskosten.
Artikel 16c Aw bepaalt dat privé-kopiëren op informatiedragers is toegestaan, maar dat daar een heffingsregeling tegenover staat ter compensatie. De SONT, bestaande uit rechthebbenden en betalingsplichtigen, stelt de hoogte van de vergoeding vast. Op grond van de statuten van SONT beslist de voorzitter van het bestuur als men het niet eens kan worden.
In 2005 heeft de voorzitter van de SONT mp3-spelers en harddiskrecorders aangewezen als voorwerpen waarvoor in beginsel een thuiskopievergoeding verschuldigd is. Het tarief stelde hij vast op nihil. De Kroon heeft nadien bij verschillende AMvB’s anders beslist. Telkens werd bepaald dat voor mp3-spelers en harddiskrecorders geen thuiskopievergoeding kan worden geheven. Het vergoedingsstelsel werd bevroren vanwege de problematiek van onverdeelde gelden bij Stichting de Thuiskopie.
Met die AMvB’s is volgens collectieve beheersorganisatie NORMA en consorten nogal wat mis. NORMA c.s. vordert in deze zaak een verklaring voor recht dat de AMvB’s jegens haar onrechtmatig zijn. De Kroon zou – kort gezegd – niet bevoegd zijn tot het overrulen van de SONT. Daarnaast zouden de AMvB’s in strijd zijn met de wet, de Auteursrechtrichtlijn, het Eerste Protocol van het EVRM (recht op ongestoord genot eigendom), en algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
De rechtbank oordeelt dat artikel 16c Aw en 10 sub e WNR geen aanspraak geven op een billijke vergoeding per afzonderlijk type informatiedragerdrager:
Uit het (toelichting bij) de voorgestelde wijziging van de Auteurswet en de Wet op de naburige rechten in verband met de aanpassing van het auteurscontractenrecht:
“Voorgesteld wordt in artikel 2 van de Auteurswet te regelen dat het auteursrecht in beginsel eerst na overlijden van de maker vatbaar is voor overdracht. Het in beginsel uitgaan van de onoverdraagbaarheid van het auteursrecht bij leven van de maker heeft als achtergrond dat de bescherming die de auteurswet de maker van een werk (de auteur) beoogt te bieden, na overdracht in beginsel niet langer ten voordele strekt van de maker, maar van degene die de rechten van de maker overgedragen heeft gekregen (de auteursrechthebbende). Door onoverdraagbaarheid als uitgangspunt te nemen wordt de bijzondere band tussen maker en zijn werk benadrukt. In dit voorontwerp wordt aldus uitgegaan van een zogeheten monistische opvatting van het auteursrecht.” (…) Nu overdracht bij leven van de maker niet langer mogelijk is zal deze voor de exploitatie van zijn auteursrecht gebruik moeten maken van de licentieverlening. (...)
De Auteurswet wordt als volgt gewijzigd: Artikel 2 komt te luiden:
Artikel 2: 1. Het auteursrecht gaat over bij erfopvolging en is, behoudens in de bij wet bepaalde gevallen, eerst na het overlijden van de maker vatbaar voor gehele of gedeeltelijke overdracht. Het auteursrecht van een maker als bedoeld in artikel 7 en artikel 8 Auteurswet is vatbaar voor gehele of gedeeltelijke overdracht. (…) "
U wordt uitgenodigd op het voorontwerp te reageren. Het voorontwerp zal daartoe gedurende drie maanden op www.internetconsultatie.nl beschikbaar zijn.
In het voorontwerp worden wijzigingen voorgesteld in de Auteurswet en de Wet op de naburige rechten met als doel de positie van de natuurlijke maker ten opzichte van de exploitant van zijn werken te versterken. Het consultatiedocument dient ter toelichting op het voorontwerp.
Het voorontwerp heeft gevolgen voor de wijze waarop over de exploitatie van auteursrechtelijk beschermd werk kan worden gecontracteerd en de tenuitvoerlegging van deze overeenkomsten.
Met de consultatie worden belangstellenden uitgenodigd een reactie te geven. Belangstellenden kunnen het gehele voorontwerp en consultatiedocument in hun reactie betrekken. Reacties worden gepubliceerd nadat de consultatie is gesloten. Alleen die reacties worden gepubliceerd waarvan is aangeven, door de inzender, dat deze openbaar mogen zijn.
Lees hier meer (inclusief voorontwerp).
Een nog niet ingevulde mogelijkheid na 14 jaar (invoering van het leenrecht in de auteurswet) alsnog ingevuld: Op 11 mei 2010 heeft de Voorzitter van de Stichting Onderhandelingen Leenrecht (StOL) een tarief vastgesteld voor de uitleen van beeldende kunst. Het tarief bedraagt € 1,50 per uitlening per kunstwerk en geldt met terugwerkende kracht sinds 1 januari 2010.
"Besluit van de voorzitter van de Stichting Onderhandelingen Leenvergoedingen (StOL) als bedoeld in artikel 11 lid, eerste lid, van de Statuten over het tarief kunstuitleen.
(…) 1. De voorzitter stelt vast dat de discussie over de hoogte van een billijke vergoeding voor de kunstuitleen een lange voorgeschiedenis kent. (…)
2. Gelet op de totstandkominggeschiedenis van de regeling van het leenrecht in de Auteurswet moet worden vastgesteld dat de uitleen van werken van beeldende kunst onder het leenrecht valt. De hoogte van de leenrechtvergoeding behoort op grond van artikel 15d Auteurswet te worden vastgesteld in de StOL. (…)
Vragen van het lid Harbers (VVD) aan de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over het terugsluizen van geld door de publieke omroep via een eigen muziekuitgeverij (ingezonden 20 mei 2010).
Vraag 1: Kent u het bericht «Publieke Omroep besteelt liedjesschrijvers»?
Vraag 2: Is het waar dat de Nederlandse Publieke Omroep (NPO) jaarlijks 3 tot 4 miljoen euro terug naar de eigen kas sluist door auteursrechten op jingles en tunes onder te brengen in de eigen muziekuitgeverij Crossmex en muzikanten en liedschrijvers onder druk een contract te laten ondertekenen waarin ze hun werk ook bij deze uitgeverij onderbrengen? Zo ja, wist u hiervan en wat vindt u ervan?
Vraag 3: Is het de NPO toegestaan om op commerciële wijze een eigen muziekuitgeverij te voeren? Zo ja, waarom? Heeft dit geen marktverstorend effect?
Vraag 4: Deelt u de mening dat de NPO haar monopoliepositie als belastinggefinancierde organisatie misbruikt door van muzikanten en tekstschrijvers als voorwaarde voor een contract te eisen dat zij hun werk, waaronder soms zelfs het oude werk, bij muziekuitgeverij Crossmex onderbrengen? Zo nee, waarom niet?
Vraag 5: Bent u bereid zo spoedig mogelijk in overleg met de NPO te treden en zo nodig sancties op te leggen als de NPO blijft doorgaan met gedwongen contractering van muzikanten en tekstschrijvers bij Crossmex? Zo nee, waarom niet?
Lees de originele publicatie hier.
Staatscourant, jaargang 2010, nr. 6429. Gedragscode Verwerking Persoonsgegevens Financiële Instellingen.
"Een Betrokkene is gerechtigd een Financiële instelling schriftelijk een overzicht te vragen van de Persoonsgegevens van de Betrokkene die door die Financiële instelling worden verwerkt.
(…) Als onderdeel van het inzagerecht heeft de Betrokkene het recht informatie te krijgen over de logica die ten grondslag ligt aan de geautomatiseerde Verwerking indien gebruik wordt gemaakt van bijzondere computerprogrammatuur. Gedacht kan worden aan dataminingsprogramma’s en het opstellen van credit-scores. De bekendmaking van de logica mag geen afbreuk doen aan het zakengeheim of aan het intellectuele eigendom en met name aan het auteursrecht dat de software beschermt. Dit mag er echter niet toe leiden dat alle informatie wordt geweigerd."
Lees de volledige gedragscode hier.
"Copyright subsists in a work1, that is to say, any2 expression3 within the field of literature, art or science4 in so far as it5 constitutes its author’s own6 intellectual creation.7”
Een mooi project van een diverse groep van in totaal 15 Europese auteursrechtwetenschappers: The European Copyright Code, een voorbeeld van hoe een Europese Auteurswet eruit zou kunnen zien.
The Members of the Drafting Committee of the Wittem Group [genoemd naar het kasteel waar de oprichtingsvergadering werd gehouden – B9] have the pleasure of announcing that our European Copyright Code was published today, 26 April 2010 – World IP Day. The Code is the result of the Wittem Project that was established in 2002 as a collaboration between copyright scholars across the European Union concerned with the future development of European copyright law. The Wittem Group believes that a European Copyright Code drafted by legal scholars might serve as a model or reference tool for future harmonization or unification of copyright at the European level.
Drafting Committee: Prof. Lionel Bently, Prof. Thomas Dreier, Prof. Reto Hilty, Prof. P. Bernt Hugenholtz, Prof. Antoon Quaedvlieg, Prof. Dirk Visser, Prof. Alain Strowel.
The Code is available at www.copyrightcode.eu.
“The European Commission welcomes release of negotiation documents. The negotiation parties of the Anti-Counterfeiting Trade Agreement (ACTA) published the documents of the 8th round of negotiations held in Wellington on 12-16 April. The European Commission welcomes the decision to make the draft available to the public. This text shows that the overall objective of ACTA is to address large-scale infringements of intellectual property rights which have a significant economic impact. ACTA will by no means lead to a limitation of civil liberties or to "harassment" of consumers.
"I am very glad that the EU convinced its partners to release the negotiation text", said EU Trade Commissioner Karel De Gucht. "The text makes clear what ACTA is really about: it will provide our industry and creators with better protection in overseas markets which is essential for business to thrive. It will not have a negative impact on European citizens."
Lees hier meer. Concept tekst ACTA hier.
Kamerbrief Minister Van der Hoeven (Economische Zaken), 15 maart 2010, betreffende de ACTA onderhandelingen. Enkele citaten:
“Allereerst willen wij graag aangeven dat wij begrip hebben voor uw zorgen met betrekking tot ACTA en de verhouding tot de Europese regelgeving. De vertrouwelijkheid waarmee de ACTA-onderhandelingen zijn omgeven, geven in de samenleving aanleiding tot ongerustheid en speculatie.”
(…) “Gelet op het vertrouwelijke karakter van de ACTA-onderhandelingen kunnen wij niet op de details daarvan ingaan. Met betrekking tot de Europese wetgeving heeft de Commissie in haar factsheet van 15 september 20081 reeds aangegeven dat ACTA niet verder zal gaan dan de huidige EU-regeling voor de handhaving van intellectuele-eigendomsrechten. (…) Dat standpunt wordt nog altijd bevestigd. Het bestaande EU-acquis is ook de inzet van Nederland voor de onderhandelingen over het mandaat van de Europese Commissie in de ACTA-onderhandelingen. Van het acquis zijn met name van belang de e-commerce richtlijn, de handhavingsrichtlijn en het nieuwe EU regelgevingskader voor de elektronische communicatiesector (hierna: Telecompakket).”
(…) De maatregelen moeten worden uitgevoerd met inachtneming van adequate procedurele waarborgen overeenkomstig het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden en de algemene beginselen van het Gemeenschapsrecht, waaronder doeltreffende rechtsbescherming en eerlijke rechtsbedeling. Een ‘three-strikes-out’-aanpak is als het aan het kabinet ligt niet acceptabel.”
Kamervraag, nr. 2010Z03463, 2e Kamer. Vragen van het lid Azough (GroenLinks) aan de minister van Justitie over de niet geëffectueerde SWIFT-overeenkomst tussen de Verenigde Staten van Amerika en Nederland. (Ingezonden 19 februari 2010)
“4. Bent u bereid te bevorderen dat er openheid komt over de onderhandelingen over de Anti-Counterfeit Trade Agreement (ACTA)?”
Lees alle vragen hier.
Tractatenblad Jaargang 2010, nr. 59. Verdrag van de Wereldorganisatie voor de intellectuele eigendom inzake auteursrecht (WCT) (1996); Genève, 20 december 1996
“Het Verdrag zal ingevolge artikel 21, onder ii, voor het Koninkrijk der Nederlanden op 14 maart 2010 in werking treden. Wat betreft het Koninkrijk der Nederlanden, zal het Verdrag alleen voor Nederland gelden.”
Lees het verdrag hier.
Kamerstukken 32 123 XII, nr. 46, Tweede Kamer. Vaststelling van de begrotingsstaten Ministerie van Verkeer en Waterstaat (XII) voor het jaar 2010. Lijst van vragen en antwoorden over het vonnis in kort geding van 9 december 2009 van de rechtbank ’s-Gravenhage met betrekking tot de publicatie van een boek dat door de heer Metze is geschreven over Rijkswaterstaat. O.a:
“Deelt u de mening dat u met deze actie misbruik heeft gemaakt van uw auteursrecht, met het doel om censuur te plegen? Zo nee, waarom niet?”
“Van censuur is geen sprake. Rijkswaterstaat heeft bij het verlenen van de opdracht de auteursrechten voor zichzelf bedongen. Dat is niet ongebruikelijk. Met het oog op bescherming van de persoonlijke levenssfeer van medewerkers is het manuscript door de heer Metze aangepast.”
Lees alle vragen en antwoorden hier.