Noot Van Engelen bij HvJEU Daiichi: het Hof van Justitie als hoogste Europese IE-rechter

B914823

Print pagina

Dick van Engelen (Ventoux), Daiichi: het Hof van Justitie als hoogste Europese IE-rechter. Noot bij HvJ EU 18 juli 2013 (Daiichi Sankyo en Sanofi-Aventis v DEMO). Verschenen in AA 2017, p. 132 - 138.

"Opmerkelijk is dat het Hof een andere invulling geeft aan de in het Merck-arrest en eerdere uitspraken aangenomen bevoegdheidsverdeling tussen de Unie en de lidstaten, omdat in de tussenliggende periode het Unierecht per 1 december 2009 inhoudelijk is veranderd met de opneming van het begrip 'handelsaspecten van intellectuele eigendom' in de definitie van de - tot de exclusieve bevoegdheid van de Unie behorende - 'gemeenschappelijke handelspolitiek' (art. 3 en art. 207 VWEU).

[...]

Het gevolg van de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon per 1 december 2009 is dus dat alle TRIPs-IE-normen onderdeel van het Europese Unierecht zijn geworden. De belangrijkste praktische consequentie daarvan lijkt te zijn dat het Hof van Justitie daarmee de hoogste IE-rechter binnen de Unie is geworden, ook indien de Unie zelf nog geen wetgeving in de vorm van verordeningen of richtlijnen heeft uitgevaardigd. Dat betekent dat nationale rechters niet langer bevoegd zijn TRIPs-IE-normen zelf uit te leggen, maar daarvoor steeds te biecht zullen moeten gaan bij het Hof van Justitie.

[...]

De consequenties van het Daiichi-arrest lijken met name vergaand te zullen zijn voor de ontwikkeling van het octrooirecht
en een eenvormige beschermingsomvang voor geoctrooieerde producten of werkwijzen. Dat dit een TRIPs-onderwerp
is dat nu tot de jurisdictie van het Hof van Justitie behoort, geeft het Hof aan in overweging 69 van het arrest.

[...]

Juist op octrooirechtelijk terrein was eigenlijk geen sprake van Europese wetgevingsactiviteit, daargelaten één specifieke richtlijn voor biotechnologische uitvindingen uit 1998. Onder de Merck-leer betekende dat dus dat het Hof van Justitie geen rechtsmacht had, behalve wanneer het specifiek om biotechnologische octrooien gaat. Met het Daiichi-arrest heeft het Hof van Justitie nu ook voor het octrooirecht jurisdictie gekregen. Dat dit via de omweg van de TRIPs-overeenkomst moet lopen, mag dan niet direct een schoonheidsprijs verdienen, maar deze omweg resulteert in ieder geval in een stap vooruit op weg naar een uniforme toepassing van het octrooirecht binnen de Europese Unie."