Omgepakte tabletten maken inbreuk op Benelux- en EU-woordmerken “SINGULAIR”

Print this page 15-05-2017
B914950
(Met dank aan Kirian Claeyé, Altius)

Nederlandstalige Rechtbank van Koophandel Brussel, 27 april 2017, MSD v Pi Pharma

 

MSD brengt het farmaceutisch geneesmiddel met bestanddeel montelukast “Singulair” op de markt en is merkhouder voor een Benelux- en EU-woordmerk voor “SINGULAIR”. Tot voor kort werd het logo van Singulair op de verpakkingen in twee kleuren afgebeeld. Het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten (FAGG) heeft echter op 3 februari 2016 bezwaar tegen het gebruik van de twee kleuren gemaakt, waarna MSD het merk in één enkele donkerblauwe kleur is gaan afbeelden. Op 16 januari 2015 ontving MSD Belgium een kennisgeving van Pi Pharma, waarin werd aangekondigd dat zij een vergunning tot parallelinvoer had gekregen om Singulair op de markt te brengen. De tabletten worden in Polen in verpakkingen van 28 tabletten op de markt gebracht en door Pi Pharma naar verpakkingen van 98 tabletten omgepakt om deze in België op de markt te brengen. Volgens MSD maken de omgepakte tabletten inbreuk op haar merkenrechten.

 

Samenvatting inzendende advocaat: “De voorzitter van de Nederlandstalige rechtbank van koophandel te Brussel bevestigt in de eerste plaats de schending van de derde BMS-voorwaarde. De voorzitter past daarbij het arrest van het Hof van Justitie inzake Orifarm (C-400/09) toe en bevestigt dat ofwel de daadwerkelijke ompakker/heretiketteerder moeten worden vermeld, ofwel de entiteit die daarvoor de verantwoordelijkheid draagt. Het volstaat niet dat één van deze entiteiten louter wordt vermeld (bijvoorbeeld voorafgegaan door “ingevoerd door”); er dient wel degelijk ook vermelding te worden gemaakt van “omgepakt door”. Ook een bevestiging vanwege het FAGG dat de term “omgepakt door” mag worden weggelaten, vormt geen rechtvaardiging om één van de BMS-voorwaarden te negeren.

 

In de tweede plaats stelt de voorzitter een schending vast van de vierde BMS-voorwaarde. Nu de merkhouder door het FAGG gevraagd was geweest de weergave van het merk in twee kleuren te wijzigen naar één kleur, was ook de parallelinvoerder verplicht om dit te volgen. Op de parallelinvoerder rust in dat verband een algemene plicht om al het nodige te doen om op de hoogte te blijven van wijzigingen aan het referentiegeneesmiddel. Bij gebreke daaraan is de presentatie van de parallel ingevoerde producten gedateerd en inadequaat, zodat de reputatie van het merk en de merkhouder kan worden geschaad.

 

Ten slotte oordeelt de voorzitter dat de omgepakte verpakkingen van 98 tabletten ook de eerste BMS-voorwaarde schenden, aangezien wordt aangetoond dat de oorspronkelijke doos van 28 tabletten (met twee blisters) in het land van uitvoer meer dan voldoende ruimte bevat om hieraan 70 tabletten (of vijf blisters) toe te voegen. In dergelijke omstandigheden volstaat heretikettering, en is ompakking niet objectief noodzakelijk.

 

Op deze gronden beveelt de voorzitter van de Nederlandstalige rechtbank van koophandel te Brussel de staking van de commercialisatie, en de terugroeping uit de markt van de parallel ingevoerde verpakkingen van 28 en 98 tabletten. De voorzitter kent ook een verhoogde rechtsplegingsvergoeding toe, weliswaar binnen de minimum- en maximumgrenzen van de Belgische wetgeving hieromtrent, en verwijst daarbij naar de beslissing van het Hof van Justitie in United Video Properties (C-57/15) dat de in het gelijk gestelde partij in een geschil omtrent intellectuele eigendomsrechten recht heeft op een "significant en passend deel van de redelijke kosten”.”

 

Lees de uitspraak hier.