13.8 Duur en verval kwekersrecht

Print this page

Minimum duur kwekersrecht. Artikel 19 UPOV-Verdrag bepaalt dat het kwekersrecht voor een bepaalde tijd verleend wordt en geeft vervolgens minimumtermijnen. Deze is minimaal 20 jaar na de verleningsdatum, behalve voor bomen en wijnstokken waarvoor een minimum duur van 25 jaar na de verleningsdatum is voorgeschreven.

Duur Gemeenschapskwekersrecht. Artikel 19(1) GKwV leert dat een Gemeenschapskwekersrecht tot het einde van het 25ste kalenderjaar loopt, behalve voor wijnstokken en boomsoorten, die een duur kennen tot aan het einde van tot het 30ste kalenderjaar dat volgt op het jaar van verlening. Artikel 19(2) GKwV voorziet in de mogelijkheid dat door de Raad voor specifieke geslachten of soorten deze periodes met ten hoogste vijf jaar worden verlengd.

Duur Nederlands kwekersrecht. Artikel 72 ZPW bepaalt