Conclusie AG over voorraadaanlegging voor toekomstige export naar derde landen

02-04-2026 Print this page
B916889

Dit octrooi kort geding gaat over naleving van de productievrijstelling voor export van een zogenoemd biosimilar product. Volgens Janssen, houdster van twee aanvullende beschermingscertificaten (ABC’s) voor het product ustekinumab, maakt SB inbreuk op deze ABC’s door een ustekinumab biosimilar product te (laten) produceren en/of op te slaan voor export naar derde landen. SB beroept zich op de zogenoemde productie-voor-export-vrijstelling uit art. 5 lid 2 sub a onder i en ii van de ABC-Verordening (hierna ook kortweg: exportvrijstelling), maar volgens Janssen voldoet SB niet aan de toepassingsvoorwaarden daarvan. In eerste en tweede aanleg is Janssen in het ongelijk gesteld.

 

In cassatie klaagt zij over een onjuiste uitleg van de doelstellingen van de ABC-Verordening en de vrijstellingen. Er is naast de exportvrijstelling ook een voorraadvrijstelling in de nieuwe ABC-Verordening gecreëerd om meteen na het verstrijken van de uit hoofde van het ABC-Verordening verlengde octrooibescherming de EU-markt te kunnen betreden. In die uitleg heeft het hof volgens Janssen ten onrechte een feitelijke vrijstelling aangenomen voor voorraadaanlegging voor toekomstige export naar derde landen (als het ware binnen de exportvrijstelling), terwijl de ABC-Verordening daar volgens haar niet in voorziet. Ook is volgens haar miskend dat de vervaardiger over een handelsvergunning moet beschikken voor een slagend beroep op de exportvrijstelling op het moment van kennisgeving (althans uiterlijk bij aanvang van de productie) en dat de beoogde exportlanden dan ook al IE-rechtenvrij moeten zijn.


Ik zie de cassatiepoging geen doel treffen en in dit kort geding evenmin noodzaak voor het stellen van prejudiciële vragen over de ABC-Verordening, zoals Janssen voorstelt. De Hoge Raad is daartoe niet gehouden in kort geding, maar het kan wel en er is momenteel in Europa sprake van uiteenlopende rechtspraak over de exportvrijstelling.

 

ECLI:NL:PHR:2026:318