De Europese markt werd overspoeld

06-09-2012 Print this page

B9 11615. Rechtbank ’s-Gravenhage, 5 september 2012, HA ZA 11-1397, Abercrombie & Fitch Europe SA tegen Gedaagden.

Merkenrecht. Counterfeit-kledingzaak met omvangrijk feitenrelaas over de handelingen en contacten van gedaagden. Kort gezegd wijst de rechtbank de provisionele inbreukvorderingen en de provisionele vorderingen tot afgifte en inzage van documenten en bescheiden toe en wordt de zaak in de hoofdzaak aangehouden in afwachting van nader onderzoek  van de administratie en bescheiden van gedaagden. De reconventionele nietigheidsvorderingen m.b.t. de gestelde non-usus het merk Abercrombie & Fitch in de Benelux worden afgewezen. “Naar oordeel van de rechtbank geldt ook internetverkoop als reële commercialisatie van waren onder het merk.”

Eiseres, kledingfabrikant, Abercrombie & Fitch, “constateerde dat de Europese markt werd overspoeld met grote partijen van duizenden counterfeit A&F kledingstukken, die wat het uiterlijk betreft (vrijwel) identiek waren aan de originele A&F kledingstukken en waarop zonder toestemming van A&F tekens zoals “Abercrombie”, “Hollister” en “A&F” e.a. waren aangebracht.” A&F is de counterfeit A&F kleding op het spoor gekomen toen in 2009 in verschillende winkels in Oostenrijk counterfeit A&F kleding werd aangetroffen. Diverse van de betreffende winkels hebben de counterfeit kleding via via gekocht van o.a. de Nederlandse gedaagden. Uit de gestelde feiten blijkt onder meer dat de Oostenrijkse douane in 2010 een partij van 10.000 stuks in beslag heeft genomen, in verband waarmee gedaagde V. is gearresteerd en verhoord. 

De rechtbank is, kort gezegd,  van oordeel dat voor tenminste een deel is uit te gaan van de gestelde feiten, omdat zij niet zijn weersproken, dan wel omdat zij – hoewel onderbouwd aan de hand van schriftelijke bescheiden waarvan de authenticiteit niet is betwist – niet deugdelijk zijn weersproken. Voor volledige toewijzing van de vorderingen in de hoofdzaak met name voor zover die zien op de omvang van de inbreuk en de daarmee samenhangende schade ontbreekt evenwel vooralsnog voldoende onderbouwing.  A&F verwacht dat die nadere onderbouwing kan worden verkregen door onderzoek van de documenten en de administratie en bij die stand van zaken dient naar oordeel van de rechtbank de hoofdzaak in conventie te worden aangehouden, in afwachting van het nadere onderzoek. 

In het incident oordeelt de rechtbank dat in elk geval voldoende aannemelijk is dat er sprake is van merkinbreuk  aan de zijde van gedaagde V.  met betrekking tot de bij zijn aanhouding in Oostenrijk in beslag genomen partij van 8.400 stuks kleding. Gezien de samenwerking wordt het verbod opgelegd aan alle gedaagden:

5.14. Met betrekking tot deze kleding heeft V.  aan de Oostenrijkse douane een factuur verstrekt waarin IFG als leverancier wordt genoemd. Gevolmachtigde van deze vennootschap is B. Ook uit andere door A&F overgelegde documenten blijkt van samenwerking tussen B. en V., al dan niet met tussenkomst van vennootschappen, waaronder de pensioen BV Effort Trust van V. , ter zake van inbreuk op de A&F-merken. De door A&F ook jegens B. gestelde inbreuk op haar merken is door Bakker niet weersproken. De samenwerking met Mairon en S. is evenmin deugdelijk weersproken. Het verbod zal als voorlopige voorziening dan ook worden opgelegd jegens alle gedaagden.

5.18. (…) Dit brengt mee dat gedaagden zal worden bevolen mede te delen al hetgeen hen bekend is omtrent de herkomst en de distributiekanalen van de zaken waarmee inbreuk is gepleegd. De daarop betrekking hebbende gegevens dienen aan A&F te worden verstrekt.

In reconventie wijst de rechtbank de door gedaagden gevorderde nietigheid van de merken Van A&F af. Voor reële commerciële exploitatie is ‘fysieke’ aanwezigheid in de Benelux geen vereiste:

5.27. A&F betwist dat zij haar merken niet reëel commercieel zou hebben geëxploiteerd in de Benelux en Europa. Ter onderbouwing heeft zij omzetcijfers overgelegd van haar webwinkels voor de merken ABERCROMBIE & FITCH en HOLLISTER, uitgesplitst per Benelux land en per jaar van 2002 tot en met 2011, (in België is in 2011 een fysieke winkel geopend). Uit dit overzicht blijkt bijvoorbeeld dat er in 2011 in Nederland voor US $ 1.556.646,74 via de A&F website is verkocht, en US $ 289.219,05 via de Hollister website. 

5.28. Van Klaveren en Effort Trust hebben deze opgave niet betwist. Naar oordeel van de rechtbank geldt ook internetverkoop als reële commercialisatie van waren onder het merk. De merken zijn dan ook niet rijp voor verval en er is geen aanleiding deze door te halen. De vorderingen in reconventie zullen worden afgewezen.

Lees het vonnis hier.