B9 11740. Hoge Raad, 12 oktober 2012, LJN: BX5801, Lundbeck tegen Tiefenbacher, Centrafarm & Ratiopharm (met conclusie A-G Huydecoper).
Octrooirecht, althans geschil dat ‘ten gronde een omvangrijk octrooigeschil betreft’ (zie B9 10699), maar i.c. uitsluitend gaat om de ontvankelijkheid van het principale cassatieberoep. Eiseres zou niet ontvankelijk zijn in het beroep omdat zij bij één dagvaarding cassatieberoep heeft ingesteld in verschillende zaken. Vaste rechtspraak van de Hoge Raad zou zich er, volgens verweerders, in beginsel tegen verzetten dat tegen in verschillende gedingen gedane uitspraken bij één en hetzelfde exploot van dagvaarding cassatieberoep wordt ingesteld. De Hoge Raad oordeelt anders:
3.2 Dit betoog faalt. De rechtbank heeft de afzonderlijk ingestelde vorderingen van [verweerster 1], Centrafarm en een derde eiseres die alle de geldigheid betreffen van een Europees octrooi en van een aanvullend beschermingscertificaat van [eiseres], gezamenlijk behandeld en na rolvoeging bij één vonnis beslist. [Eiseres] heeft van dat vonnis bij één dagvaarding hoger beroep ingesteld. Ook in hoger beroep zijn de zaken gezamenlijk behandeld en het hof heeft bij één arrest in de drie zaken uitspraak gedaan. In een dergelijk geval - waarin op grond van subjectieve cumulatie, voeging of rolvoeging bij één vonnis, arrest of beschikking in alle zaken tegelijk uitspraak wordt gedaan - mag bij één dagvaarding of verzoekschrift een rechtsmiddel worden aangewend (vgl. HR 9 mei 1958, NJ 1959/321).
Lees het arrest hier.