De zogenaamde objectieve elementen in een werk

05-12-2012 Print this page

B9 11907. Vzr. Rechtbank Roermond, 5 december 2012, KG ZA 12-211, Social Deal B.V. tegen Wowdeal B.V. (met dank aan Peter Kits & Chantal Bakermans, Holland Van Gijzen).

Auteursrecht. Slaafse nabootsing. Dealaanbieders (kortingsbonnen).  Partijen bieden (in dezelfde regio en m.b.t. dezelfde ondernemers) ‘deals’ aan, waarbij consumenten kortingen kunnen krijgen op producten en diensten van bepaalde bedrijven. Eiseres Social Deal stelt dat de website van gedaagde Wowdeal zodanig overeenstemt met haar eigen website dat sprake is van inbreuk op haar auteursrechten of van slaafse nabootsing. De voorzieningenrechter wijst de inbreukvorderingen echter af.

Social Deal heeft naar oordeel van de vzr. voor haar website elementen gebruikt die ook worden aangetroffen op websites van soortgelijke ondernemingen en “reeds bestaand materiaal dat een auteur in zijn werk heeft verwerkt, de zogenaamde objectieve elementen in een werk, is auteursrechtelijk niet beschermd.” Ook voor het overige heeft de website geen oorspronkelijk karakter om als auteursrechtelijk beschermd werk te kunnen worden aangemerkt. De teksten, foto’s en kleuren in samenhang met de indeling van de website van Social Deal acht de vzr. “onvoldoende oorspronkelijk dat daaruit het subjectieve, oorspronkelijke karakter naar voren komt” en “het is heel wel denkbaar dat twee of meer auteurs, onafhankelijk van elkaar, (nagenoeg) hetzelfde werk (kunnen) maken, zoals ook tijdens de mondelinge behandeling naar voren is gekomen en uit de processtukken blijkt.”

Ook van slaafse nabootsing is geen sprake. Gelet op de grote mate van overeenstemming tussen de websites van de diverse dealaanbieders, het gangbare gebruik en de gangbare presentatie van gangbare elementen (korting, duur van de deal, afbeelding van de deal) kan niet gezegd worden dat de website van Social Deal een eigen plaats in neemt in de markt. Bovendien zijn er meerdere in het oog springende verschillen tussen de websites van eiseres en gedaagde. Verwarringsgevaar is derhalve niet aannemelijk.

1019h proceskostenveroordeling eiseres, alleen voor het IE-deel (50%): €7.925,42.

Lees het vonnis hier.