B9 11838. Rechtbank Rotterdam , sector kanton, LJN: BY3179, [Eiser] Persfotografie tegen Gedaagde.
“Indien het kopiëren van beschermde foto’s van websites van anderen, die daarvoor wel toestemming gevraagd hebben en betaald hebben, geen inbreuk op een auteursrecht zou opleveren, zou het hele systeem van bescherming van eigendomsrechten, in de huidige tijd waarin internet een prominente rol speelt, illusoir zijn.”
Auteursrecht. Persoonlijkheidsrechten. Kantonzaak over de gesteld onrechtmatige overname van foto’s van eiser op de website van gedaagde. De foto (‘de geparkeerde vrachtwagens’) is eerder gepubliceerd op de website van de Telegraaf bij het artikel ‘Trucker kan veilige parkeerplek niet vinden’, met daarbij de naam van eiser als maker. De foto is met het artikel overgenomen door gedaagde, een exploitant van bewaakte parkeerterreinen.
De kantonrechter wijst de inbreukvordering toe en veroordeeld gedaagde, onder verwijzing naar de algemene voorwaarden van de Fotografenfederatie, tot het betalen van een schadevergoeding van driemaal de licentievergoeding van € 255,00. “De algemene voorwaarden van de Fotografenfederatie zijn weliswaar niet van toepassing op de (niet-contractuele) relatie tussen eiser en gedaagde, maar vormen wel een rechtens aanvaardbaar en geaccepteerd uitgangspunt om op die basis de schade te begroten.”
De billijkheid verzet zich naar het oordeel van de kantonrechter echter tegen toewijzing van de volledige 1019h proceskosten: “niet is gebleken van een opzettelijke inbreuk. Evenmin was sprake van een grootschalige inbreuk. Een volledige proceskostenveroordeling kan voor de financiële positie van [gedaagde], zijnde een kleine, startende onderneming, grote gevolgen hebben.”
Inbreuk: 4.4 (…) Dat de Foto enkel op de website van [gedaagde] terecht is gekomen door een koppeling van een bericht van de website van de Telegraaf maakt voorgaande niet anders. Indien het kopiëren van beschermde foto’s van websites van anderen, die daarvoor wel toestemming gevraagd hebben en betaald hebben, geen inbreuk op een auteursrecht zou opleveren, zou het hele systeem van bescherming van eigendomsrechten, in de huidige tijd waarin internet een prominente rol speelt, illusoir zijn. [gedaagde] heeft de koppeling, nadat zij het bericht op de website van de Telegraaf gezien heeft, bewust tot stand gebracht. Door een handeling van [gedaagde] is derhalve ook de Foto op haar website geplaatst. Zij heeft de koppeling tot stand gebracht, terwijl zij wist althans had moeten en kunnen weten dat daardoor ook de Foto mee gekoppeld zou worden. Een foto overigens waarbij op de website van de Telegraaf, gezien de opmerking onder de Foto ‘©[eiser] Fotografie’, duidelijk vermeld werd dat het een auteursrechtelijk beschermde foto betrof. [gedaagde] is derhalve verantwoordelijk voor het plaatsen van de Foto op haar website.
4.5 (…). Op de website van [gedaagde] was de Foto op de pagina ‘nieuwsoverzicht’ zichtbaar zonder dat daarbij de naam van [eiser] vermeld werd. Ook op dit punt heeft [gedaagde] onrechtmatig jegens [eiser] gehandeld.
Schadevergoeding: 4.8 In artikel 18.2 van [de algemene voorwaarden van de Fotografenfederatie] is bepaald dat de fotograaf bij een inbreuk op zijn auteursrecht een vergoeding toekomt van tenminste driemaal de door de fotograaf gebruikelijk gehanteerde licentievergoeding. Met betrekking tot de vraag of een dergelijke vergoeding in het onderhavige geval als redelijk aan te merken is overweegt de kantonrechter als volgt.
4.9 In ieder geval kan worden vastgesteld dat [eiser] de gebruikelijke licentievergoeding die [gedaagde] verschuldigd zou zijn geweest indien zij voorafgaand aan de plaatsing toestemming had gevraagd, is misgelopen. [eiser] heeft onweersproken gesteld dat de door hem gebruikelijk gehanteerde licentievergoeding voor het gebruik van zijn foto’s op internet € 255,00 per jaar bedraagt, met een minimum van een jaar. Dit bedrag is conform de richtprijzen fotografie 2011 en in overeenstemming met licentievergoedingen die andere fotografen hanteren voor publicatie op internet, aldus [eiser]. [gedaagde] heeft hiertegen aangevoerd dat dit bedrag niet redelijk is nu de Foto slechts twee maanden op haar website stond. Dit verweer houdt geen stand nu [gedaagde] een foto op haar website heeft geplaatst waarvoor zij, indien zij deze wel op de gebruikelijke wijze van [eiser] gekocht zou hebben en ook al wilde zij die foto maar twee maanden gebruiken, ook € 255,00 verschuldigd zou zijn geweest.
4.10 Daarnaast heeft te gelden dat het niet aantrekkelijk gemaakt moet worden voor gebruikers van auteursrechtelijk beschermd werk om een inbreuk te herstellen door achteraf alsnog te betalen en dan niet slechter af te zijn dan als zij tevoren toestemming zouden hebben gevraagd. Een dergelijk gebruik van zijn werk levert de auteursrechthebbende immers ook schade op. Dat geldt ook voor het weglaten van de naamsvermelding bij de Foto zoals die geplaatst is op de pagina ‘nieuwsoverzicht’ op de website van [gedaagde].
1019h proceskosten: 4.13 (…) Onderhavige zaak kan niet als gecompliceerd aangemerkt worden. Daarnaast is niet gebleken van een opzettelijke inbreuk. Evenmin was sprake van een grootschalige inbreuk. Een volledige proceskostenveroordeling kan voor de financiële positie van [gedaagde], zijnde een kleine, startende onderneming, grote gevolgen hebben. Gezien voornoemde omstandigheden, in onderlinge samenhang bezien, verzet de billijkheid zich naar het oordeel van de kantonrechter tegen toewijzing van de volledige proceskosten. De proceskosten zullen dan ook worden toegewezen op de bij de sector kanton gebruikelijke wijze.
Lees het vonnis hier.