EUIPO verklaarde ten onrechte een model van een bouwsteen van een LEGO-speelgoedbouwset nietig

24-03-2021 Print this page
B916164

ModelrechtUit het het perscommuniqué: "Het EUIPO heeft niet onderzocht of de door de vennootschap Lego ingeroepen uitzondering van toepassing was en heeft evenmin alle uiterlijke kenmerken van de bouwsteen in aanmerking genomen.

 

De vennootschap Lego is houdster van het volgende gemeenschapsmodel, dat op 2 februari 2010 is ingeschreven voor „bouwstenen van een speelmodule”:

In het kader van een door de vennootschap Delta Sport Handelskontor ingestelde vordering tot nietigverklaring heeft de kamer van beroep van het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (EUIPO) op 10 april 2019 geoordeeld dat alle uiterlijke kenmerken van het voortbrengsel waarop het litigieuze model betrekking heeft, uitsluitend worden bepaald door de technische functie van het voortbrengsel, te weten aaneenkoppeling met andere speelblokjes en loskoppeling daarvan mogelijk maken. Om die reden heeft het EUIPO – overeenkomstig de bepalingen van de verordening betreffende gemeenschapsmodellen1 – het betrokken model nietig verklaard. Lego heeft vervolgens bij het Gerecht van de Europese Unie beroep tot vernietiging van die beslissing ingesteld.

[...]
In zijn arrest van vandaag brengt het Gerecht om te beginnen in herinnering dat volgens de verordening een recht op een gemeenschapsmodel niet geldt voor de uiterlijke kenmerken van een voortbrengsel die noodzakelijkerwijs in precies dezelfde vorm en afmetingen gereproduceerd moeten worden om het voortbrengsel waarin het model verwerkt is of waarop het toegepast is, mechanisch met een ander voortbrengsel te kunnen verbinden of om het in, rond of tegen een ander voortbrengsel te kunnen plaatsen, zodat elk van beide voortbrengselen zijn functie kan vervullen. Bij wijze van uitzondering kunnen evenwel voorzieningen voor mechanische samenvoeging of verbinding bij modulaire voortbrengselen een belangrijk aspect van het innoverend karakter van die voortbrengselen en een belangrijk verkoopargument vormen en moeten dergelijke voorzieningen bijgevolg voor bescherming in aanmerking kunnen komen. Een model dat tot doel heeft binnen een modulair systeem de meervoudige samenvoeging of verbinding van onderling verwisselbare voortbrengselen mogelijk te maken, kan dus als gemeenschapsmodel worden beschermd. Het Gerecht stelt vast dat de kamer van beroep niet heeft onderzocht of de door Lego voor het eerst voor haar ingeroepen uitzondering van toepassing was. [...]

 

Het Gerecht is van oordeel dat, aangezien noch de verordening betreffende gemeenschapsmodellen, noch het reglement van de kamers van beroep van het EUIPO preciseert onder welke voorwaarden de bepaling inzake de betrokken uitzondering kan worden toegepast, niet kan worden geoordeeld dat Lego die bepaling te laat heeft aangevoerd door dit voor het eerst voor de kamer van beroep te doen.
Het Gerecht voegt hieraan toe dat, gelet op de uiterlijke kenmerken van het voortbrengsel waarop het litigieuze model betrekking heeft, de kamer van beroep van het EUIPO moest beoordelen of dit model voldeed aan de voorwaarden om voor die uitzondering in aanmerking te komen. Aangezien zij dit niet heeft gedaan, heeft de kamer van beroep blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting.

Het Gerecht wijst er vervolgens op dat een model nietig moet worden verklaard indien alle uiterlijke kenmerken uitsluitend worden bepaald door de technische functie van het voortbrengsel waarop het betrekking heeft, maar dat nietigverklaring van het litigieuze model niet mogelijk is indien minstens één van de uiterlijke kenmerken van het voortbrengsel waarop dit model betrekking heeft, niet uitsluitend door de technische functie ervan wordt bepaald. De bovenzijde van de bouwsteen in kwestie heeft aan weerszijden van de rij van vier nopjes een glad oppervlak en het Gerecht stelt vast dat de kamer van beroep dit kenmerk niet heeft vastgesteld, ook al gaat het om een uiterlijk kenmerk van het voortbrengsel.
[...]
Het Gerecht oordeelt derhalve dat de kamer van beroep de bepalingen van de verordening betreffende gemeenschapsmodellen heeft geschonden. Zij heeft immers niet alle uiterlijke kenmerken van het voortbrengsel waarop het litigieuze model betrekking heeft vastgesteld, laat staan dat zij zou hebben geconstateerd dat al die kenmerken uitsluitend door de technische functie van dat voortbrengsel worden bepaald."

 

Lees het volledige perscommuniqué hier.

 

ECLI:EU:T:2021:155

 

Zie ook: IEPT20100914, HvJEU, Lego v BHIM (merkenrecht) en IEPT20091120, HR, Lego v Mega Brands (Slaafse nabootsing)