B9 11430. Kamerstukken Tweede Kamer. Antwoorden minister Verhagen op vragen uit de vaste commissie voor EL&I over de Digitale Implementatie Agenda.
“In een voorkomend geval zal de rechter gelet op artikel 7.4a alle belangen zorgvuldig moeten afwegen en een aanbieder van internettoegang niet lichtvaardig een verplichting op mogen leggen om verkeer te blokkeren.”
D66: Het laatste punt gaat over netneutraliteit Via andere wetgeving wordt de netneutraliteit de laatste maanden steeds vaker met voeten getreden. Op basis van het auteursrecht worden sites gefilterd, geblokkeerd of verboden. Het amendement bood deze ruimte. Daarom willen de leden de minister voorleggen om de netneutraliteit verder aan te scherpen door de uitzondering in lid d van het artikel dat gaat over netneutraliteit te beperken tot ‘zware criminaliteit’. De leden vragen de minister om met een wetsvoorstel komen om dit te regelen.
Verhagen: “Er is momenteel geen wettelijke bepaling die een aanbieder van internettoegangsdiensten direct, zonder tussenkomst van een rechter, verplicht tot het blokkeren van verkeer. Op dit moment is artikel 7.4a, eerste lid, onderdeel d, dan ook alleen van belang als een aanbieder op grond van een rechterlijke uitspraak wordt verplicht om bepaald verkeer te blokkeren. In een voorkomend geval zal de rechter gelet op artikel 7.4a alle belangen zorgvuldig moeten afwegen en een aanbieder van internettoegang niet lichtvaardig een verplichting op mogen leggen om verkeer te blokkeren. Ik zie daarom geen aanleiding om met een nieuw wetsvoorstel te komen op het gebied van netneutraliteit.
Lees alle vragen en antwoorden hier.