Mvt bij wetsvoorstel goedkeuring Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooirecht
19-02-2016 Print this page
Kamerstukken II, 34411, nr. 3, Memorie van toelichting. Goedkeuring van de op 19 februari 2013 te Brussel tot stand gekomen Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooigerecht (Trb. 2013, 92 en 2016, 1).
"Het onderhavige wetsvoorstel strekt tot goedkeuring van de op 19 februari 2013 te Brussel tot stand gekomen Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooigerecht, met bijlagen (Trb. 2013, 92 en 2016, 1) (hierna: Rechtspraakverdrag).
Het Rechtspraakverdrag voorziet in de mogelijkheid van geschilbeslechting met betrekking tot Europese octrooien op internationaal niveau bij het Eengemaakt Octrooigerecht (hierna: EOG). Langs deze weg kan bij één instantie een uitspraak worden verkregen met werking in alle overeenkomstsluitende EU-lidstaten. Als gevolg daarvan hoeft een octrooihouder niet langer in iedere overeenkomstsluitende lidstaat waar inbreuk op zijn recht wordt gemaakt afzonderlijk een procedure te starten met betrekking tot die inbreuk. Hetzelfde geldt ten aanzien van de geldigheid van het octrooi; ook deze kan via één gerechtelijke procedure bij het EOG worden vastgesteld. Naast aanzienlijke efficiencyvoordelen voor de gebruikers van het octrooisysteem, leidt het nieuwe stelsel ertoe dat het risico van onderling afwijkende rechterlijke uitspraken met betrekking tot Europese octrooien sterk wordt verminderd. Dat komt de rechtseenheid en rechtszekerheid ten goede en is gunstig voor het internationaal opererend innoverend bedrijfsleven.
Een tweede onderdeel van het Europese hervormingspakket is de introductie van het Europees octrooi met eenheidswerking. Dit geeft de mogelijkheid met één registratie octrooibescherming te verkrijgen in alle deelnemende EU-lidstaten. Bedrijven die octrooibescherming wensen in deze EU-lidstaten hoeven niet in iedere lidstaat afzonderlijk te valideren.
Nederland heeft zich altijd een warm pleitbezorger getoond van deze verbeteringen in het Europese octrooibestel en heeft in de loop der jaren actief bijgedragen aan de totstandkoming van dit hervormingspakket. De regering is daarom verheugd dat deze inspanningen nu kunnen worden verzilverd. In het navolgende zal eerst een korte schets van de totstandkoming van het hervormingspakket worden gegeven (paragraaf 2). Vervolgens zullen de belangrijkste karakteristieken van achtereenvolgens het Rechtspraakverdrag (paragraaf 3) en de verordeningen die de eenheidsoctrooibescherming regelen (paragraaf 4) worden gegeven. Voorts wordt ingegaan op de gedeeltelijke voorlopige toepassing van het Rechtspraakverdrag (paragraaf 5), grondwettelijke aspecten (paragraaf 6), bedrijfseffecten en regeldruk (paragraaf 7), de financiële gevolgen (paragraaf 8) en de gevolgen voor uitvoering (paragraaf 9) en de rechterlijke macht (paragraaf 10), de Koninkrijkspositie (paragraaf 11) en het gebruik van artikel 12 Wet raadgevend referendum (paragraaf 12).
De toepassing van de verordeningen die de eenheidsoctrooibescherming regelen is gekoppeld aan de inwerkingtreding van het Rechtspraakverdrag. Dit betekent dat de verordeningen in Nederland eerst van toepassing zijn, nadat Nederland het Rechtspraakverdrag geratificeerd heeft én het Rechtspraakverdrag in werking is getreden. Het hele Europese hervormingspakket treedt daarmee voor Nederland in werking.
Het was oorspronkelijk de bedoeling om gelijktijdig met deze goedkeuringswet een wetsvoorstel1 in te dienen waarmee de Rijksoctrooiwet 1995 in verband met het Rechtspraakverdrag en de Europese verordeningen op enkele onderdelen zou worden aangepast. Over dit wetsvoorstel moet nog nadere besluitvorming plaatsvinden in de Rijksministerraad, zodat deze op dit moment nog niet kan worden ingediend bij de Tweede Kamer. Aanpassing van de Rijksoctrooiwet 1995 is weliswaar wenselijk, maar niet noodzakelijk voor wettelijke goedkeuring van het Rechtspraakverdrag. Zoals zal worden toegelicht in paragraaf 6 van deze memorie van toelichting, bestaat er vanwege de rechtstreekse werking van het Rechtspraakverdrag namelijk geen noodzaak ter zake implementatiewetgeving tot stand te brengen. Een vertraging van het onderhavige wetsvoorstel zou tot zeer ongewenste gevolgen leiden voor het Nederlandse bedrijfsleven, zoals in paragraaf 12 nader wordt toegelicht. Gelet op het bovenstaande kan de goedkeuring van het Rechtspraakverdrag derhalve worden doorgezet zonder aanpassing van de Rijksoctrooiwet1995 en is het ook wenselijk dat dit gebeurt, gelet op de zeer nadelige gevolgen die vertraging met zich zou brengen."
Lees de Memorie van toelichting hier. Lees het wetsvoorstel hier en het advies en nader rapport van de RvS hier.