. Rechtbank Maastricht, 1 augustus 2012, HA ZA 10-457, CBS Outdoor B.V. tegen Reclamebureau Limburg & Gemeente Sittard-Geleen (met dank aan Francis van Velsen, Fisal IP Law).
Auteursrecht. Bushokjes. Werkgeversauteursrecht bij uitlening. Tussenvonnis na tussenvonnis na tussenvonnis (B9 10195). Eiser CBS stelt dat gedaagde RBL met de abri ‘EvoShel’ (grotere afbeelding hier) inbreuk maakt op het auteursrecht van CBS m.b.t. het door haar ontworpen bushokje Aqui. De rechtbank wees de inbreukvordering in het eerste tussenvonnis toe, onder voorbehoud van bewijslevering door eiseres van de rechtsgeldige overdracht van het auteursrecht aan de licentiegever (Groothuizen Beheer). Een tweede bewijsopdracht betrof de stelling van CBS dat de Gemeente de inbreuk door RBL op het auteursrecht van CBS op de Aqui zou hebben uitgelokt. CBS diende te bewijzen dat de Gemeente er bij RBL op heeft aangedrongen om abri’s te vervaardigen en plaatsen die sterke gelijkenis vertonen met de Aqui, terwijl zij er rekening mee moest houden dat RBL daardoor inbreuk zou maken op de auteursrechten en/of onrechtmatig zou handelen jegens CBS.
Gedaagde RBL ging van het tussenvonnis in hoger beroep. Met betrekking tot de vraag of er sprake is van een werk wordt de zaak aangehouden in afwachting van het beroep, maar de rechtbank geeft al wel een oordeel over de bewijslevering m.b.t. de levering van het auteursrecht aan Groothuizen Beheer en het gestelde werkgeversauteursrecht.
CBS heeft overeenkomsten overgelegd waaruit van successieve overdrachten van Landmark naar Thinkmark en van Thinkmark naar Groothuizen Beheer blijkt en ook de stelling dat Landmark (werkmaatschappij van Groothuizen) aanspraak kon maken op 'werkgeversauteursrecht' ex art. 7 Aw van alle ontwerpen van Groothuizen acht te rechtbank aannemelijk. Groothuizen stond op de payroll bij Groothuizen Beheer en werd 'uitgeleend' of 'ter beschikking gesteld' voor ontwerpwerkzaamheden aan Landmark. Landmark betaalde daarvoor ook aan Groothuizen Beheer een 'management fee' (“niet ongebruikelijk voor werkzaamheden die de inhoud en niet de organisatie betreffen”). Rechtsvraag was of deze terbeschikkingstelling gelijk moest worden gesteld aan een werkgever/werknemer-situatie als beschreven in art. 7. In literatuur was dit al wel aangenomen (T&C) en de rechtbank bevestigt dit.
De inzendende advocaat bericht daarbij dat “een andersluidend oordeel de zaak niet anders zou hebben gemaakt, want dan was op basis van art. 7 het auteursrecht rechtstreeks aan Groothuizen Beheer toegekomen, maar de rechtbank had er duidelijk zin in om hierover een principiële uitspraak te doen."
Lees het tussenvonnis van 1 augustus 2012 hier, dat van 29 februari 2012 hier en dat van 31 augustus 2011 hier.