Prejudiciële vragen over mededeling aan het publiek in schoonheidssalon: rekening houden met oppervlakte, aantal kappersstoelen, wachtplaatsen, ontspanningsruimte?
16-01-2026 Print this page
Het pand waarin Natural Beauty Levin haar activiteiten uitoefent, heeft een oppervlakte van 71 m² en is uitgerust met onder meer drie televisietoestellen. Verzoekster heeft aangevoerd dat verweerster civielrechtelijk aansprakelijk is wegens het zonder toestemming mededelen aan het publiek van fonogrammen, nu zij niet beschikt over een niet-exclusieve vergunning/licentie van CREDIDAM. Verweerster heeft aangevoerd dat het louter plaatsen van televisietoestellen geen bewijs vormt van mededeling aan het publiek. Bij civiel vonnis van 6 december 2024 heeft de Tribunal București het beroep toegewezen en verweerster veroordeeld tot betaling van 4 929 RON en proceskosten. De Tribunal oordeelde dat een schoonheidssalon niet kan worden vergeleken met een tandartspraktijk en dat televisietoestellen worden geplaatst om een aangenamere sfeer te creëren.
Zaak C-667/25 Natural Beauty Levin
Het pand waarin Natural Beauty Levin haar activiteiten uitoefent, heeft een oppervlakte van 71 m2 en de diensten die aan klanten worden aangeboden, omvatten knippen, stylen, make-up, manicure en pedicure. Binnen zijn er drie televisietoestellen, twee barbiersstoelen, twee kappersstoelen, een make-upcabine, drie werktafels voor manicure en twee stoelen voor pedicure. De ruimte beschikt ook over drie wachtstoelen.
Als motivering heeft verzoekster aangevoerd dat verweerster civielrechtelijk aansprakelijk is voor onrechtmatige daad wegens het zonder toestemming mededelen aan het publiek van fonogrammen die voor commerciële doeleinden zijn uitgegeven, of het reproduceren daarvan en van artistieke prestaties in de audiovisuele sector, in het kader van de schoonheidssalon die zij exploiteert. Verzoekster stelt namelijk dat verweerster haar zaak heeft uitgerust met televisietoestellen die mededeling aan het publiek als achtergrondmuziek mogelijk maken en dat zij niet beschikt over een niet-exclusieve vergunning/licentie van verzoekster CREDIDAM.
Verweerster heeft aangevoerd dat het louter plaatsen van televisietoestellen in de door haar beheerde ruimte geen bewijs vormt van mededeling aan het publiek en dat de kwalificatie van een handeling als mededeling aan het publiek een geïndividualiseerde benadering vereist op basis van verschillende criteria, in overeenstemming met de rechtspraak van het Hof.
Bij civiel vonnis van 6 december 2024 heeft de Tribunal București het beroep toegewezen en verweerster veroordeeld tot betaling aan verzoekster van een bedrag van 4 929 RON, wat neerkomt op het drievoudige van de vergoeding die verschuldigd is aan uitvoerende kunstenaars voor de mededeling aan het publiek van hun fonogrammen of voor de reproductie daarvan en van artistieke prestaties in de audiovisuele sector in de periode van 1 oktober 2021 tot en met 30 juni 2024, alsmede tot betaling van 1 320 RON aan proceskosten.
Evenzo oordeelde de Tribunal București dat de situatie van verweerster, die een schoonheidssalon exploiteert, niet kan worden vergeleken met die van een tandartspraktijk, aangezien het publiek dat een tandartspraktijk bezoekt vaststaat en beperkt is. Ten slotte moet in aanmerking worden genomen dat televisietoestellen in een schoonheidssalon worden geplaatst om een aangenamere sfeer te creëren, zodat het publiek meer geneigd is om terug te keren naar de schoonheidssalon, of zelfs langer te blijven en van meer diensten gebruik te maken.
De exploitatie van een schoonheidssalon kan niet worden vergeleken met die van een tandartspraktijk. Ook een schoonheidssalon biedt namelijk zijn diensten uitsluitend op afspraak aan en is niet toegankelijk voor het grote publiek. Bovendien wordt de belangstelling van klanten voor een schoonheidssalon bepaald door de kwaliteit van de aangeboden diensten en niet door de sfeer die door een televisietoestel wordt gecreëerd.
Prejudiciële vragen:
(1) Moet het begrip „mededeling aan het publiek” in de zin van artikel 8, lid 2, van richtlijn 2006/115 aldus worden uitgelegd dat het ook ziet op de situatie waarin fonogrammen worden verspreid in een salon, zoals die welke in het hoofdgeding aan de orde is, in het kader van de exploitatie van die onderneming?
(2) Moet bij de beoordeling van het begrip „mededeling aan het publiek” in overeenstemming met de geïndividualiseerde benadering rekening worden gehouden met omstandigheden zoals de oppervlakte van de zaak, het aantal kappersstoelen en/of wachtplaatsen voor klanten, het al dan niet aanwezig zijn van een ontspanningsruimte en/of een ruimte voor sociale contacten voor klanten, en het bedrijfsmodel?
Verwijzingsbeschikking en Zaak C-667/25 Natural Beauty Levin