B9 11948. Vzr. Rechtbank Amsterdam, 4 december 2012, LJN: BY6220, Molenbeek Invest B.V. tegen gerekwestreerden.
Procesrecht. Bewijsbeslag. Tussenbeschikking. De voorzieningenrechter heeft in een eerdere beschikking van 1 november 2012 (LJN: BY6209) het verlof tot het leggen van verhaalsbeslagen en een voorlopig verlof tot het leggen van bewijsbeslag ex artikel 730 jo. 843a Rv in een niet-IE zaak verleend. De voorzieningenrechter stelt thans, nadat partijen de gelegenheid hebben gehad zich uit te laten over de voorgenomen vragen, prejudiciële vragen aan de Hoge Raad over de toelaatbaarheid van bewijsbeslag in niet-IE-zaken, nu in de rechtspraak daarover verschillend is geoordeeld:
1. Volgens artikel 1019b lid 1 jo. 1019c lid 1 Wetboek van burgerlijke rechtsvordering (Rv) kan bewijsbeslag gelegd worden in zaken met betrekking tot intellectuele eigendom. Bestaat in zaken die niet vallen onder deze bepalingen ('niet IE-zaken') ook de mogelijkheid voor het leggen van een bewijsbeslag?
Toelichting.
Verschillende gerechtshoven hebben verschillend over de mogelijkheid van een bewijsbeslag in niet-IE-zaken geoordeeld:
- Hof 's-Hertogenbosch 30 mei 2007, LJN BA9007 (niet mogelijk)
[wel o.g.v. handelsnaamrecht, niet o.g.v. onrechtmatige concurrentie]
- Hof Leeuwarden 4 augustus 2009, LJN BJ4901 (niet mogelijk)
- ’s-Gravenhage 29 maart 2011, LJN BQ1725 (wel mogelijk)
[o.g.v. overtreding van het non-concurrentiebeding]
[...] 2. Indien bewijsbeslag in niet IE-zaken mogelijk is, moet er dan bijzondere terughoudendheid worden betracht bij het leggen van bewijsbeslag in woonhuizen? En als dit zo is, dient de voorzieningenrechter daarvoor in zijn beslagverlof bijzondere bepalingen op te nemen?
3. Dient de voorzieningenrechter bij de beslaglegging (in geval van bewijsbeslag in niet IE-zaken) aanwezig te zijn? Zo ja, geldt dit altijd of alleen als het gaat om beslag in woonhuizen? Zo nee, dient hij zich dan beschikbaar te houden voor vragen of problemen die zich tijdens de beslaglegging voordoen?
Kan bij het verlenen van het conservatoir bewijsbeslag iedere willekeurige IT-specialist aangewezen worden?
4. Artikel 292 lid 5 Rv bepaalt: "De rechter houdt de beslissing op de eis of het verzoek aan totdat een afschrift van de beslissing van de Hoge Raad is ontvangen." Is met deze bepaling verenigbaar dat als de spoedeisendheid van een verzoek dit vereist, het verzoek voorlopig wordt toegewezen, waarbij de definitieve beslissing wordt aangehouden in afwachting van het antwoord van de Hoge Raad op de te stellen prejudiciële vraag?
5. Is het de deurwaarde toegestaan twee verschillende versies van het proces verbaal van beslaglegging op te maken?
6. Bestaat voor de beslagene een verplichting om mee te werken aan de beslaglegging in die zin dat hij verplicht is het in het verlof bedoelde bewijsmateriaal toegankelijk te maken voor beslaglegging door het verstrekken van gebruikersnamen, wachtwoorden, etc.? Zo ja, bestaat die verplichting reeds in het stadium van de beslaglegging of ontstaat deze verplichting pas nadat in het kader van artikel 843a Rv is bepaald in welk deel van het beslagen materiaal inzage mag worden genomen?
Nadat het antwoord van de Hoge Raad is ontvangen zal een mondelinge behandeling plaatsvinden, waarna zal worden beslist over de definitieve verlening. Als het beslagverlof definitief wordt verleend kan vervolgens een vordering als bedoeld in artikel 843a Rv worden ingesteld.
Lees de beschikking hier.