IER 2018/11, p. 99-138: "Op wetgevingsgebied was dit een betrekkelijk rustig jaar. Er staan geen grote wetgevingsprojecten op stapel. In feite was dit meer het jaar van de grote vertraging, met onzekerheid voor de EOGO: eerst wegens Brexit en vervolgens wegens een Duitse constitutionele klacht. Door die klacht staat het EOGO-project voorlopig stil. Het HvJ EU lijkt daardoor des te actiever, met een verzameling aan sterk casuïstische arresten over het begrip "mededeling aan het publiek" waarin het steeds moeilijker wordt om de regel te ontwaren, veel merkenrechtelijke arresten, ook richtinggevende arresten op modelrechtelijk gebied, waar de Benelux-Kinderkapperstoel-leer aan harmonisatie is overleden, en natuurlijk in de voor het IE-recht steeds belangrijker wordende secret garden van het internationaal privaatrecht. Maar ook op nationaal niveau was er veel rechtspraak, met onder andere de bonte verzameling uitspraken, ook van de RCC en de CvB, in het reclamerecht. De aandachtige lezer zal in dat onderdeel van de kroniek kunnen leren dat hij/zij in strijd handelt met de Verordening Gemeenschappelijke Marktordening Landbouwprodukten wanneer hij/zij in het café een cappuccino met soja-of amandelmelk bestelt: behoudens uitzondering mag alleen dierlijke melk melk heten. Melk onder de brug, de brug waar wij op staan als wij voor u van de brug af zien."