Wijziging in de handhaving door de Douane van de onder EZ vallende IE-rechten
13-06-2016 Print this page
Kamerbrief Minister Kamp (EZ) over wijziging handhaving door de douane van de onder EZ vallende intellectuele eigendomsrechten
“[…] EZ is het eerstverantwoordelijk ministerie voor het beleid, de wet- en regelgeving en de handhaving van onder andere het octrooirecht, het merkenrecht en het modellenrecht. Met betrekking tot de handhaving van deze rechten aan de buitengrenzen door de Douane, heeft EZ afspraken gemaakt met het Ministerie van Financiën3. Bij het uitvoeren hiervan handelt de Douane overeenkomstig de EU-Verordening inzake de handhaving van intellectuele eigendomsrechten door de douane (608/2013) (hierna: Douaneverordening). Het doel van deze verordening is de Douane in staat te stellen houders van IE-rechten te faciliteren om hun rechten te handhaven. Het bevat voorwaarden en procedures voor het optreden van de Douane wanneer goederen worden aangetroffen die vermoedelijk inbreuk maken op een IE-recht. Zo dient de Douane, nadat zij mogelijk nagemaakte artikelen heeft aangetroffen, de houder van de IE-rechten hiervan op de hoogte te brengen. De houder moet vervolgens binnen een in de Douaneverordening bepaalde termijn aangeven of hij civielrechtelijk hiertegen wil optreden. In 2015 heeft de Douane ruim 1.250 keer op verzoek van IE-rechthebbenden opgetreden, waarbij ongeveer 5.6 miljoen stuks namaakartikelen zijn onderschept.
De Douaneverordening is van toepassing vanaf 1 januari 2014. In bepaalde gevallen past de Douane de procedures uit deze verordening echter nog niet toe, maar maakt nog gebruik van de hiervoor beschreven uitzondering door strafrechtelijk op te treden. Dit is het geval bij het aantreffen van vermoedelijk inbreukmakende goederen in reizigersbagage en post- en koerierszendingen. Dit handelen is niet overeenkomstig de Douaneverordening, dat juist het primaat van civielrechtelijke handhaving onderstreept. De meeste EU-lidstaten hebben deze procedure inmiddels overgenomen.
In ons land heeft een groot aantal stakeholders, bestaande uit (vertegenwoordigers van) houders van IE-rechten, kenbaar gemaakt voorkeur te hebben voor het toepassen van de procedures uit de Douaneverordening.
Ook het Openbaar Ministerie, onder wiens gezag strafrechtelijk wordt opgetreden, steunt de toepassing van de bepalingen uit de Douaneverordening die zien op civielrechtelijke handhaving en dus ook bij aangetroffen vermoedelijk inbreukmakende goederen in reizigersbagage en in post- en koerierszendingen.
Als gevolg van deze breed gedragen steun van betrokken (overheids-)partijen is besloten om het handhavingsbeleid van de Douane als volgt te wijzigen:
- Met ingang van 1 juni 2016 past de Douane bij reizigersbagage de procedure uit de Douaneverordening toe.
- Voor post- en koerierszendingen is het streven de procedures uit de Douaneverordening met ingang van 1 maart 2017 toe te passen. Deze invoering vindt later plaats omdat de hiervoor noodzakelijke aanpassingen in de ICT-systemen pas dan bij de Douane volledig geïmplementeerd is en bij de IE-rechthebbenden uitgerold.
Om deze wijzigingen verder te realiseren en bekend te maken heeft de Douane haar publiekvoorlichting op het internet en de app voor reizigers per 1 juni jl. aangepast. Op korte termijn worden ook de uitvoeringsvoorschriften (zoals ook gepubliceerd op het internet) aangepast. De houders van IE-rechten, die bij haar een verzoek tot handhaving overeenkomstig de Douaneverordening hebben ingediend, zijn per brief geïnformeerd over deze wijziging. Het Openbaar Ministerie zal de Aanwijzing intellectuele eigendomsfraude en de Richtlijn voor strafvordering intellectuele eigendomsfraude aanpassen zodat deze meer aansluiten bij de hiervoor beschreven beleidswijzingen.”
Lees de Kamerbrief hier.