Xenos maakt met Champagnefleskaarsen inbreuk op merk Moët & Chandon

29-08-2022 Print this page
Auteur:
Birgit Kunst-Verboon
IEPT20001206, Rb Den Haag, Moet v Xenos

Xenos haakt met Champagne-kaars onrechtmatig aan bij het kwaliteitsproduct Champgagne: noodzaak of rechtvaardiging voor de aanhaking ontbreekt. Merk Moët is een geldig merk: gekruist label met goudgestreepte randen en zegel maken dat het merk onderscheidend vermogen heeft. Totaalindrukken stemmen voldoende overeen om de kaarsen te kunnen aanmerken als met het label van Moët overeenstemmende tekens: gewraakte producten zijn voorzien van een soortgelijk halslabel als het beeldmerk van Moët in combinatie met een daarop geplaatste zegel. Inbreuk 13a lid 1 sub c, thans 2.20 lid 2 sub c BVIE: door het gebruik van de gewraakte producten kan ongerechtvaardigd voordeel worden getrokken uit of afbreuk kan worden gedaan aan het onderscheidend vermogen of de reputatie van het bekende merk van Moët.

 

ONRECHTMATIG HANDELENMERKENRECHT

 

Xenos verkoopt kaarsen in de vorm van een champagnefles. De champignonvormige dop is goud en op de hals een goudkleurig gekruist label met daarop een zegel.  Volgens Moët & Chandon (hierna: Moët) handelt Xenos onrechtmatig jegens Champagneproducenten. Door de Champagnekaarsen, waar ook het woord ‘Champagne’ staat vermeld, haakt Xenos doelbewust en zonder rechtvaardigingsgrond aan bij het product Champagne en de kwaliteitsassociaties die daaraan zijn verbonden. Tevens worden hierdoor de kwaliteitsassociaties aangetast. Daarnaast maakt Xenos zich schuldig aan inbreuk op het merkrecht van Moët.

 

De voorzieningenrechter oordeelt dat Xenos inderdaad onrechtmatig handelt door deze kaarsen te verkopen. De producten zijn op het eerste gezicht niet van echte flessen Champagne te onderscheiden. De pit van de kaars is nauwelijks zichtbaar en op het etiket staat prominent “Champagne” vermeld. Door gebruikmaking van deze aanduiding, in combinatie met de overige kenmerken van de verpakking van Champagne, is naar het voorlopig oordeel van de president onmiskenbaar sprake van onrechtmatige aanhaking bij het (kwaliteits)product Champagne. Er is voor de aanhaking geen enkele noodzaak of rechtvaardiging aan te wijzen, terwijl er kans bestaat dat daardoor schade wordt toegebracht aan de kwaliteitsassociaties die het product Champagne nu eenmaal oproept. Daarbij is aannemelijk dat het product niet alleen wordt gekocht om te gebruiken als kaars, maar ook om het bijvoorbeeld als een fop-cadeau aan derden te geven. Zoiets zal bij derden mogelijk niet alleen als een misplaatste grap overkomen, maar ook geschikt kunnen zijn om het aanwezige vertrouwen in het kwaliteitsproduct Champagne aan te tasten. 
Ook is er naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter sprake van merkinbreuk, artikel 13A lid 1 sub c BMW, thans 2.20 lid 2 sub c BVIE. Gewraakte producten zijn voorzien van en soorgelijk halslabel als het beeldmerk van Moët en er is ook sprake met op dat halslabel geplaatst zegel net als bij het beeldmerk van Moët. Ook het etiket op de kaars stemt in grote mate overeen nu er gebruik is gemaakt van dezelfde kleuren en opmaak. De totaalindrukken stemmen voldoende overeen om de kaarsen te kunnen aanmerken als een met het beeldmerk van Moët overeenstemmend teken. Door het gebruik van het gewraakte product kan er een ongerechtvaardigd voordeel worden getrokken uit of afbreuk worden gedaan aan het onderscheidend vermogen of reputatie van het bekende merk. Hiervoor is redegevend dat aannemelijk is dat het de bedoeling is geweest om de betreffende producten op de flessen van Moët te laten lijken om zo de kooplust van het publiek voor de gewraakte producten op te wekken, terwijl het gebruik van de producten als fop-cadeau juist weer tot een verminderde kooplust van de producten van Moët zal leiden.

 

IEPT20001206, Rb Den Haag, Moët v Xenos