Gerecht is bevoegd tot volledige toetsing van beslissingen van OHIM en CBP
02-01-2013 Print this page
Gerecht kan kwalificatie feiten door CPB op fouten beoordelen. CPB bevoegd afzonderlijk te verzoeken om te onderzoeken plantenmateriaal en schriftelijke bewijzen dienaangaande. CPB bevoegd tot nieuw verzoek plantenmateriaal, na onnauwkeurig eerder verzoek; beginselen van behoorlijk bestuur en doeltreffend procesverloop.
KWEKERSRECHT – PROCESRECHT
Gerecht kan rechtmatigheid beslissingen CPB toetsen door kwalificatie van feiten op fouten te beoordelen.
• Aangaande artikel 63 van verordening nr. 40/94, waarvan de bewoordingen gelijk zijn aan die van artikel 73 van verordening nr. 2100/94, heeft het Hof herhaaldelijk geoordeeld dat het Gerecht de rechtmatigheid van de beslissingen van de kamers van beroep van het BHIM moet toetsen door na te gaan of deze het Unierecht hebben nageleefd, gelet met name op de feitelijke gegevens die voor deze kamers zijn aangevoerd.
• Derhalve kan het Gerecht, binnen de grenzen van artikel 63 van verordening nr. 40/94, zoals uitgelegd door het Hof, de rechtmatigheid van de beslissingen van de kamers van beroep van het BHIM volledig toetsen door, in voorkomend geval, na te gaan of deze kamers de feiten van het geding rechtens correct hebben gekwalificeerd dan wel of de beoordeling van de aan deze kamers voorgelegde feitelijke elementen geen fouten vertoont.
CPB bevoegd afzonderlijk te verzoeken om te onderzoeken plantenmateriaal en schriftelijke bewijzen dienaangaande.
• Zoals het Gerecht in punt 69 van het bestreden arrest heeft opgemerkt, zonder op dat punt door rekwirantes te zijn tegengesproken, had de brief van 25 maart 1999 dus betrekking op de vorm van het te onderzoeken plantenmateriaal, vorm waarvoor een individueel verzoek kan worden ingediend volgens artikel 55, lid 4, van verordening nr. 2100/94.
CPB bevoegd tot nieuw verzoek plantenmateriaal, na onnauwkeurig eerder verzoek; beginselen van behoorlijk bestuur en doeltreffend procesverloop.
IEPT20121219, HvJEU, Elaris en Brookfield v Schniga