Onaannemelijk dat IE-rechten op Effice-software bij distributieovereenkomst zijn overgedragen
16-08-2013 Print this page
Faillissement. Niet aannemelijk geworden dat distributieovereenkomsten tussen Effice en ESNA betreffende Effice-software overdracht van IE-rechten op software hebben beoogd. Slechts aannemelijk dat overeenkomsten zo uitgelegd moeten worden dat daarbij beoogd is alleen afgeleide rechten (distributierechten, licenties) en niet IE-rechten zelf over te dragen. Uitgangspunt is derhalve dat curator na faillissement van Effice over bedoelde activa kon beschikken, zodat IE-rechten als gevolg van verkoop door curator nu bij SDF rusten.
AUTEURSRECHT – HANDELSNAAMRECHT - MERKENRECHT
ESNA en Effice zijn een samenwerking aangegaan ten aanzien van de ontwikkeling, exploitatie en wereldwijde distributie van Effice-software voor de bedrijfsvoering en -automatisering in de sierteeltsector, en hebben daartoe diverse “Software Distribution and Marketing Agreements” gesloten. In maart 2013 is Effice failliet verklaard, waarna de curator het immateriële actief van Effice heeft verkocht en geleverd aan SDF. De curator heeft daaraan voorafgaand de overeenkomsten met ESNA vernietigd dan wel ontbonden. ESNA meent rechthebbende te zijn op de IE-rechten rustende op de Effice-software (auteurs-, handelsnaam- en merkrechten) en vordert nu staking van het gebruik van de Effice-software en van de Effice-handelsnamen en -merken. De vorderingen worden afgewezen.
De eerste vraag die zich voordoet is of de overeenkomsten tussen ESNA en Effice de eigendomsoverdracht die ESNA stelt tot gevolg hadden. Op grond van de in dit kort geding voorliggende stukken kan echter worden betwijfeld of partijen bij de overeenkomsten de beweerdelijke overdracht van de IE-rechten op de Effice-software daadwerkelijk hebben beoogd. Voorshands lijkt slechts aannemelijk dat de overeenkomsten zo uitgelegd moeten worden dat daarbij beoogd is alleen de afgeleide rechten (distributierechten, licenties) en niet de IE-rechten zelf over te dragen. Uitgangspunt dient dan ook te zijn dat de curator rechtsgeldig over bedoelde activa kon beschikken, zodat de IE-rechten op de Effice-software als gevolg van de verkoop door de curator nu bij SDF rusten. De voorzieningenrechter ziet geen reden om in zodanige mate aan de gronden en rechtsgeldigheid van de vernietiging door de curator te twijfelen dat van een ander uitgangspunt moet worden uitgegaan.
5.14. In de gegeven omstandigheden waarin op dit moment in deze tegen enkel SDF aangespannen procedure geen uitsluitsel kan worden gegeven over de geldigheid en de uitleg van de overeenkomsten van 14 november 2011 en 4 september 2012, maar voorshands de visie van SDF aannemelijker voorkomt dan die van ESNA, acht de voorzieningenrechter in het kader van een belangenafweging, mede uit pragmatische overwegingen, onvoldoende grond aanwezig om in de situatie zoals deze thans bestaat wijziging te brengen door toewijzing van de vorderingen van ESNA. De continuïteit in de exploitatie en distributie van de Effice-software is daarbij van doorslaggevend belang geacht, als ook de marktpositie van beide partijen. Namens SDF is ter zitting verklaard dat zij bezig is met de uitrol van het door haar gemaakte plan van aanpak; zij heeft onder meer met betrekking tot de Effice-software een helpdesk opgezet en heeft in dat verband mensen aan het werk. De bestaande klanten zijn ook geïnformeerd over de overdracht. Haar doel is dat de bestaande klanten hun vertrouwen terugwinnen in het product en klant blijven. SDF richt zich daarbij eerst op Nederland, op de (ongeveer 300) Nederlandse klanten en (5) Belgische klanten. Zij is voornemens in de toekomst met de Effice-software de grens over te gaan. Voor rekening en risico van ESNA dient in dit kader voorshands te blijven dat zij haar gestelde (financiële) belangen niet eerder heeft veiliggesteld. Het voorgaande geldt ook nu op dit moment niet uit te sluiten valt dat in een bodemprocedure ten voordele van ESNA zal worden beslist.
IEPT20130612, Rb Rotterdam, ESNA v SDF