Geen inbreuk octrooi: geen steunlaag bestaande uit ten minste twee soorten vezels
26-07-2013 Print this page
Geen inbreuk: onvoldoende aannemelijk gemaakt dat er sprake is van een steunlaag die bestaat uit tenminste twee verschillende soorten vezels, waarbij ten minste één vezel is vervaardigd uit een elastische stof, zoals conclusie 1 vereist.Gerede kans op nietigheid octrooi: Alle kenmerken van conclusie 1 zijn naar voorlopig oordeel terug te vinden in dit document.
OCTROOIRECHT
Geen inbreuk: onvoldoende aannemelijk gemaakt dat er sprake is van een steunlaag die bestaat uit tenminste twee verschillende soorten vezels, waarbij ten minste één vezel is vervaardigd uit een elastische stof, zoals conclusie 1 vereist.
• Tegenover de uitdrukkelijke betwisting door Macintosh dat er sprake zou zijn van vezels van verschillende soorten, heeft Nimco slechts onderbouwd gesteld dat er mogelijk sprake is van twee typen vezels. Zij wijst daarbij op de rapporten van PTG Eindhoven, overgelegd als producties 6 en 9. Uit dat rapport kan echter slechts worden afgeleid dat de vezels van de steunlagen bestaan uit een aromatische polyester, waarschijnlijk PET (polyethyleenterftalaat) of soortgelijk materiaal, en dat er aanwijzingen voor een tweede materiaal zijn dat veel overeenkomsten vertoont met een aan PET verwant polymeer. Welke vezel dat dan precies zou zijn, is niet zeker te stellen volgens het rapport maar gedacht wordt aan PHT (polyhexamethyleentereftalaat) dat verwant is aan PET. In geen geval is aangetoond dat dit tweede materiaal een elastisch polymeer zou zijn.
• Nimco kan niet worden gevolgd in haar stelling dat doordat er in de Orchard schoen vezels van verschillende dikte zijn gebruikt (2-4 respectievelijk 16-18 micrometer dik) er sprake zou zijn van verschillende soorten vezels, ook al is het vezelmateriaal in beide gevallen een polyester. De gemiddelde vakman zal het octrooi na lezing van beschrijving en conclusies aldus begrijpen dat met ‘twee soorten vezels’ zoals opgenomen in conclusie 1, twee vezels worden bedoeld die zijn gemaakt van verschillende materialen, waarvan er één elastisch moet zijn. Dit leidt de vakman ten eerste af uit de bewoordingen van de conclusie die spreekt van “two sorts of interwoven fibres, at least one type of fibres being produced from an elastic substance”. Er wordt derhalve een onderscheid in materiaalsoort gemaakt. Ten tweede wordt de vakman in die interpretatie versterkt door het feit dat nergens in het octrooi wordt aangegeven dat twee vezels van een verschillende dikte maar van (in wezen) hetzelfde materiaal, ook ‘twee soorten vezels’ zijn als bedoeld in conclusie 1. Het octrooi bevat integendeel vele aanwijzingen waaruit blijkt dat twee verschillende materialen (waarvan één elastisch en de ander kennelijk niet elastisch) bedoeld zijn:
Gerede kans op nietigheid octrooi:
• De voorzieningenrechter voegt aan het voorgaande toe dat er voorts een gerede kans is dat het octrooi niet een ingestelde nietigheidsprocedure (ongeschonden) zal overleven indien US6048810 A, gepubliceerd op 11 april 2000, in ogenschouw wordt genomen Alle kenmerken van conclusie 1 zijn naar voorlopig oordeel terug te vinden in dit document.
IEPT20130725, Rb Den Haag, Nimco v Macintosh