Burgerlijke rechter bevoegd inzake rechtsvordering t.a.v. vergoeding wegens gemis aan octrooi
08-11-2013 Print this page
Rechtsvordering gegrond op artikel 12(6) Row (billijke vergoeding wegens gemis aan octrooi) dient in casu aangemerkt te worden als rechtsvordering met betrekking tot arbeidsovereenkomst (zie artikel 83(2) Row), zodat rechtsvordering bij burgerlijke rechter aangebracht dient te worden.
BESTUURSRECHT – OCTROOIRECHT
Samenvatting van rechtspraak.nl: “Eiser was tussen 1983 en 1987 werkzaam als promovendus bij de ZWO en heeft in die hoedanigheid (mee)gewerkt aan een - later geoctrooieerde – uitvinding. Hij heeft verweerder verzocht om een billijke vergoeding wegens gemis aan octrooi.
Dit is een rechtsvordering als bedoeld in artikel 12(6) Row. Op grond van artikel 83(2) Row worden rechtsvorderingen, die gegrond zijn op artikel 12(6) Row, aangemerkt als rechtsvorderingen met betrekking tot een arbeidsovereenkomst, tenzij de rechtsbetrekking tussen de bij het geschil betrokkenen niet wordt bepaald door een arbeidsovereenkomst. Op grond van de door verweerder overgelegde stukken stelt de rechtbank vast dat de arbeidsverhouding tussen eiser en de ZWO werd beheerst door een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht. Op grond van artikel 83(2) Row dient de rechtsvordering bij de burgerlijke rechter te worden aangebracht. De rechtbank verklaart het bezwaar van eiser alsnog niet-ontvankelijk.”
IEPT20130930, Rb Midden-Nederland, Gemis aan octrooi