Verwarringsgevaar tussen "Boomerang" en "Boomerang TV" voor o.a. tv programma's

04-10-2013 Print this page
IEPT20131002, GEU, Cartoon Network v BHIM

Gemeenschapsmerk – Beroep ingesteld door de aanvrager van het woordmerk „BOOMERANG”, voor diensten van de klassen 38 en 41, strekkende tot vernietiging van beslissing R 699/20112 van de tweede kamer van beroep van het BHIM, waarbij is verworpen het beroep tegen de beslissing van de oppositieafdeling houdende weigering van inschrijving van dat merk in het kader van de oppositie van de houder van het gemeenschapsbeeldmerk dat de woordelementen „Boomerang TV” bevat, voor diensten van klasse 41.

Het beroep wordt afgewezen. Cartoon Network heeft onvoldoende bewijs weten te verstrekken met betrekking tot de wijze waarop het relevante publiek met de conflicterende merken in aanraking komt. Het is onvoldoende aannemelijk gemaakt dat er tussen het merk Boomerang van Cartoon Network en het oudere merk Boomerang TV S.A. geen gevaar voor verwarring is.

56 It is clear from that case-law that, contrary to the applicant’s contention, it was required to demonstrate that the coexistence of the marks on which it relied was based on the absence of a likelihood of confusion on the part of the relevant public.

59 It is sufficient to state, as the Board of Appeal found, that that evidence relates solely to the mark applied for, but gives no indication of the way in which the relevant public encountered the conflicting marks on the market and the services for which they were used. Nor can use of the signs on the market be inferred from the national registers, and the affidavit from the applicant itself is disputable evidence which is not substantiated by additional evidence from independent sources. The Board of Appeal was therefore correct to consider that that evidence was insufficient to demonstrate the coexistence of the conflicting marks.

Lees het arrest hier.