Artikel 5(3) EEX: Nederlandse rechter enkel bevoegd voor in Nederland opgetreden schade

18-12-2013 Print this page
IEPT20131126, Hof Den Bosch, Australian Gold

Rechtbank is onbevoegd kennis te nemen van tegen geïntimeerde gerichte vordering tot vergoeding van schade die in Benelux is geleden. Artikel 5(3) EEX-Vo moet restrictief worden toegepast: bevoegdheid van gerecht van Erfolgsort is beperkt tot in die lidstaat opgetreden schade, aan dit artikel kan niet bevoegdheid worden ontleend om kennis te nemen van een vordering tot vergoeding van schade die in verschillende lidstaten is opgetreden en die niet is beperkt tot en gespecificeerd voor in Nederland geleden schade. Ook geen bevoegdheid op grond van artikel 6(1) EEX-Vo: vereiste nauwe band tussen vorderingen tegen geïntimeerde en tegen Armas ontbreekt.

PROCESRECHT - IPR

Appellante heeft van Armas het exclusieve (sub)distributierecht voor bruiningslotions van het merk Australian Gold verkregen voor de Benelux; geïntimeerde (gevestigd in Duitsland) heeft eenzelfde recht voor Duitsland. Appellante verwijt Armas onder meer dat zij haar voorraden aan andere partijen (waaronder geïntimeerde) is gaan verkopen en zodoende heeft toegelaten dat daarbij inbreuk werd gemaakt op de exclusieve rechten van appellante voor de Benelux. Appellante verwijt geïntimeerde dat zij onrechtmatig heeft gehandeld jegens haar door, welbewust gebruik makend van de wanprestatie van Armas, de producten in strijd met haar exclusieve distributierecht op de Beneluxmarkt te brengen. Appellante heeft beide partijen voor de rechtbank Zeeland-West-Brabant gedagvaard en vergoeding van de hierdoor geleden schade gevorderd. In het incident heeft de rechtbank zich echter onbevoegd verklaard voor wat betreft de tegen geïntimeerde gerichte vordering. De grieven richten zich tegen dit laatste oordeel.

Het vonnis waarvan beroep wordt echter bekrachtigd. Het gaat in casu om een vordering tot vergoeding van schade die initieel in de Benelux is geleden en terzake waarvan respectievelijk België, Luxemburg en/of Nederland als Erfolgsort in de zin van artikel 5(3) EEX-Vo zijn aan te merken, elk voor zover de schade in de respectievelijke lidstaat is opgetreden. Gelet op de rechtspraak van het HvJEU daarover (zie bijv. IEPT19950307) moet de bijzondere bevoegdheid van dit artikel restrictief worden toegepast en is de bevoegdheid van het gerecht van het Erfolgsort beperkt tot de in die lidstaat opgetreden schade. Dit betekent dat het appellante vrij zou staan om voor de in Nederland opgetreden schade de Nederlandse rechter als bevoegde rechter te benaderen. De Nederlandse rechter kan aan voormelde bepaling echter niet de bevoegdheid ontlenen om kennis te nemen van een vordering tot vergoeding van schade die in verschillende lidstaten is opgetreden en die niet is beperkt tot en gespecificeerd voor in Nederland geleden schade.

Voorts kan de rechter ook geen bevoegdheid ontlenen aan artikel 6(1) EEX-Vo: hoewel appellante van Armas en geïntimeerde vergoeding van dezelfde schade vordert, is geen sprake van de volgens dit artikel vereiste nauwe band tussen de vorderingen. Het aan geïntimeerde verweten onrechtmatig handelen berust niet (alleen) op de aan Armas verweten tekortkoming in de nakoming van de overeenkomst en ook het omgekeerde is niet het geval. Een verschillend oordeel ten aanzien van de aan Armas enerzijds en geïntimeerde anderzijds gemaakte verwijten is mogelijk zonder dat sprake is van onverenigbare beslissingen, zodat gelijktijdige berechting van de vorderingen niet noodzakelijk is.

IEPT20131126, Hof Den Bosch, Australian Gold