Auteursrechtinbreuk door plaatsing van foto´s bij columns op kluun.nl zonder toestemming van maker: geen beroep op artikel 6:196c(4) BW, nu domeinnaam kluun.nl wordt gehouden door rechtspersoon Kluun BV die bestuurd wordt en waarvan alle aandelen worden gehouden door persoon die feitelijke handelingen op website verricht (Van de Klundert). Ook geen beroep op citaatrecht van artikel 15a Aw: onvoldoende functioneel verband tussen afbeeldingen en columns, zodat gebruik van foto's niet het gebruik van zuivere illustratie overstijgen. Schadevergoeding begroot op grond van gederfde licentievergoeding van € 240 per foto en dus € 480 in totaal.
AUTEURSRECHT
Koppe, een beroepsfotograaf, is maker van een foto van het Boekenbal in 1984 en van het terras van Café de Zwart uit 1997. Op de website kluun.nl zijn in 2007 columns van Kluun (schrijversnaam van Van de Klundert) verschenen, waarbij voornoemde foto’s zonder toestemming van Koppe zijn geplaatst. Koppe vordert een verklaring van recht dat Kluun BV inbreuk heeft gemaakt op zijn auteursrechten en schadevergoeding. De vorderingen worden toegewezen.
Het meest verstrekkende verweer van Kluun BV is dat zij niet verantwoordelijk is voor de openbaarmakingen op kluun.nl: hoewel zij domeinnaamhouder is van de website, heeft zij op de inhoud van website geen invloed nu die geheel en al door Van de Klundert wordt gemaakt. Dit verweer wordt verworpen, aangezien de domeinnaam wordt gehouden door een rechtspersoon die bestuurd wordt en waarvan alle aandelen worden gehouden door de persoon die de feitelijke handelingen op de website verricht. De kennis en wetenschap van die persoon, Van der Klundert, moeten dan immers aan de vennootschap worden toegerekend, zodat een beroep op artikel 6:196c(4) BW niet wordt gehonoreerd.
Ook het beroep op citaatrecht in de zin van artikel 15a Aw wordt verworpen. Ten aanzien van de foto “Boekenbal 1984” oordeelt de kantonrechter dat er onvoldoende functioneel verband is tussen de afbeelding en de aankondiging in de column. De aankondiging had betrekking op het boekenbal in 2007, terwijl de foto het boekenbal van 1984 betreft. Bovendien is de illustratie niet ondergeschikt aan de tekst maar wat betreft de omvang ongeveer gelijk en is ook naar de betekenis gezien, de foto niet bestemd om dienstbaar te zijn aan de tekst. Ook ten aanzien van tweede foto ontbreekt de noodzakelijke functionele relatie tussen de foto en de beoordeling in de column: de foto is geen afbeelding van de besproken boekpresentatie noch van het als gevolg van de drukte bij de boekpresentatie lege terras van Café de Zwart, maar van een vol caféterras op een veel eerder gelegen datum. Het gebruik van de foto’s overstijgen daarmee het gebruik van zuivere illustratie niet, zodat geen sprake is van geoorloofde citaten. De schade wordt begroot op grond van de gederfde licentievergoeding van € 240 per foto en dus € 480 in totaal. Over een eventuele verhoging van de schadevergoeding overweegt de kantonrechter het volgende:
4.8 […] Het is juist dat er verschillende uitspraken zijn in met name de lagere rechtspraak waarbij dergelijke forfaitaire verhogingen, vaak in aansluiting op niet overeengekomen, maar overeenkomstig toegepaste in de branche gebruikelijke algemene voorwaarden, worden toegewezen, zij het dat er ook verschillende uitspraken zijn die in een ander richting gaan. De aan een verhoging ten grondslag liggende overwegingen, komen er kort gezegd op neer dat het toch onredelijk is dat iemand die inbreuk maakt op eens anders auteursrecht niets meer te vrezen heeft dan dat hij alsnog moet voldoen hetgeen hij had moeten voldoen als hij een licentie was overeengekomen. Aldus is het voor de inbreukmaker lonend om inbreuk te maken, omdat de kans dat hij wordt aangesproken beperkt is. Een verhoging van de te betalen schadevergoeding (onder welke naam die ook wordt gebracht) kan een prikkel zijn om inbreuken tegen te gaan. Hoe sympathiek die redenering ook is, zij past niet in het systeem van het Nederlandse schadevergoedingsrecht bij onrechtmatige daad. Het systeem gaat uit van een reële schadevergoeding in het individuele geval. Een vorm van schadevergoeding als middel om generale preventie te bevorderen past daarin niet. […]
IEPT20131204, Rb Amsterdam, Koppe v Kluun