Niet aannemelijk dat voormalig distributeur nog originele feather extensions verkoopt
07-02-2014 Print this page
Niet aannemelijk dat feather extensions die Rademaker thans verkoopt originele producten zijn van Sequoia waarvoor Rademaker ook na beëindiging van distributieovereenkomst nog gebruik mag maken van IE-rechten van Sequoia. Rademaker op grond van distributieovereenkomst niet gerechtigd om originele feather extensions te verhandelen in niet-originele verpakkingen. (In)direct verwarringsgevaar tussen merk “Fine Featherheads” en tekens “Featherheads” en “Fine Feathers", gelet op grote overeenstemming en identieke waren/diensten. Gebruik door Rademaker van genoemde tekens is voorts in strijd met eerlijke gebruiken in handel en nijverheid: relevante publiek kan ten onrechte menen dat er nog steeds een economisch verband bestaat tussen Sequoia en Rademaker. Auteursrechtinbreuk: geen toestemming voor gebruik logo’s en foto’s van Sequoia na einde distributieovereenkomst, en Fine Featherheads- en Featherheads-logo’s en verpakkingen van Rademaker en Sequoia hebben zelfde totaalindruk.
MERKENRECHT - AUTEURSRECHT
Sequoia exploiteert zogenaamde 'feather extensions' via haar website finefeatherheads.com, met gebruikmaking van twee Fine Featherheads-logo’s en het internationale woordmerk “FINE FEATHERHEADS”. Alle foto´s op de website en promotiemateriaal voor deze extensions zijn gemaakt door een werkneemster van Sequoia, die aan laatstgenoemde een volmacht heeft verstrekt om namens haar de auteursrechten op deze foto´s te handhaven. Rademaker was exclusief distributeur en verkoper van Sequoia in de Benelux, maar verkoopt en levert ook na beëindiging van de distributieovereenkomst nog feather extensions. Daarbij maakt Rademaker gebruik van de tekens ‘Featherheads’ en ‘Fine Feathers’, haar websites featherheads.nl en featherheads.eu, het gelijknamige Facebook account en de adwords “Fine Featherheads”. Sequoia vordert een verbod op merk- en auteursrechtinbreuk, opgave en rectificatie.
Het beroep van Rademaker op de distributieovereenkomst faalt: niet aannemelijk is geworden dat de feather extensions die Rademaker thans verkoopt originele producten zijn waarvoor Rademaker na het einde van deze overeenkomst nog gebruik mag maken van de IE-rechten van Sequoia. Voorts geldt na het einde van de overeenkomst ook nog dat Rademaker niet gerechtigd is om originele feather extensions te verhandelen in niet originele, van Sequoia afkomstige verpakkingen. Er is sprake van (in)direct verwarringsgevaar tussen het merk “Fine Featherheads” en de tekens “Featherheads” en “Fine Feathers”, gelet op de grote overeenstemming tussen de tekens en de identieke waren en diensten. Het verweer van Rademaker dat Featherheads een beschrijvende aanduiding is en het haar om die reden vrijstaat dit teken te gebruiken, kan niet slagen. Het gebruik door Rademaker van dit teken is niet in overeenstemming met de eerlijke gebruiken in handel en nijverheid, nu zij dit teken aldus gebruikt dat het relevante publiek ten onrechte kan menen dat er nog steeds een economisch verband bestaat tussen Sequoia en Rademaker.
Nu Rademaker na de beëindiging van de distributieovereenkomst nog de Fine Featherheads logo’s en foto’s van Sequoia openbaar maakt, staat auteursrechtinbreuk daarmee vast omdat toestemming hiervoor ontbreekt. De voorzieningenrechter oordeelt verder dat de overeenstemming tussen de Featherheads logo’s en de Fine Featherheads logo’s en tussen de verpakkingen van Rademaker en Sequoia van dien aard is dat de logo’s resp. de verpakkingen eenzelfde totaalindruk maken, zodat ook hier sprake is van auteursrechtinbreuk. De vorderingen worden (in beperkte vorm) toegewezen; 1019h Rv proceskosten: € 16.180,07.
IEPT20140128, Rb Den Haag, Sequoia v Rademaker