Geldigheidsduur van ABC niet langer dan 15 jaar vanaf eerste in Unie uitgegeven VHB

26-02-2014 Print this page
IEPT20140213, HvJEU, Merck Canada

Geldigheidsduur van ABC niet langer dan 15 jaar vanaf eerste in de Europese Unie uitgegeven handelsvergunning (VHB. Portugese arbitragerechtbank (Tribunal Arbitral necessário) is een rechterlijke instantie in zin van artikel 267 VWEU

 

OCTROOIRECHT – PROCESRECHT

Het verzoek om een prejudiciële beslissing betreft de uitlegging van artikel 13 van de ABC-Vo Geneesmiddelen (inzake de geldigheidsduur van een ABC) en is ingediend in het kader van een geding tussen partijen over de maximumduur van het uitsluitende recht dat wordt verleend door zowel het basisoctrooi als het ABC, waarvan Merck Canada houder is. De verwijzende rechter wenst te vernemen of artikel 13 eraan in de weg staat dat een houder van zowel een octrooi als een ABC langer dan vijftien jaar vanaf de eerste in de Unie afgegeven VHB van het betrokken geneesmiddel een uitsluitend recht geniet.

Het Hof beoordeelt allereerst of de verwijzende Portugese rechter, Tribunal Arbitral necessário, moet worden aangemerkt als een rechterlijke instantie in de zin van artikel 267 VWEU en of diens verzoek dus ontvankelijk is. Deze vraag wordt bevestigend beantwoord, nu deze arbitragerechtbank een wettelijke grondslag heeft en verplichte rechtsmacht heeft om in eerste aanleg te beslissen over geschillen inzake industriële eigendomsrechten met betrekking tot geneesmiddelen. Voorts is er sprake van het doen van uitspraak na een procedure op tegenspraak, een onafhankelijk orgaan en dient het Tribunal dezelfde procedurele regels in acht te nemen als gewone rechtbanken.

Nu ook een bevestigend antwoord op de prejudiciële vraag volgt uit de letterlijke uitlegging van artikel 13 en deze uitlegging is bevestigd in een eerdere beschikking, oordeelt het Hof als volgt:

Artikel 13 van verordening (EG) nr. 469/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 6 mei 2009 betreffende het aanvullende beschermingscertificaat voor geneesmiddelen, gelezen in samenhang met punt 9 van de considerans van deze verordening, moet aldus worden uitgelegd dat het eraan in de weg staat dat de houder van zowel een octrooi als een aanvullend beschermingscertificaat zich kan beroepen op de volledige overeenkomstig dat artikel 13 berekende geldigheidsduur van een dergelijk certificaat wanneer hij, ten gevolge van een dergelijke duur, voor een werkzame stof een uitsluitend recht zou genieten gedurende een periode van meer dan vijftien jaar vanaf de eerste vergunning voor het in de handel brengen in de Europese Unie van het geneesmiddel dat bestaat uit deze werkzame stof of deze werkzame stof bevat.

IEPT20140213, HvJEU, Merck Canada