Geen juridische basis voor verbod op ongunstige uitlatingen over eiseres en Arnhemse villamoord

10-06-2014 Print this page
IEPT20140606, Rb Limburg, Uitlatingen Arnhemse villamoord

Geen juridische basis voor verbod tot doen van ongunstige (maar rechtmatige) uitlatingen over eiseres en Arnhemse villamoord. Verbod op doen van onrechtmatige uitlatingen over eiseres en Arnhemse villamoord afgewezen: onvoldoende specifiek. Geen spoedeisend belang bij gevorderde voorschot op aan eiseres toekomende vergoeding van materiële en immateriële schade.

PUBLICATIE

Eiseres, het overlevende slachtoffer van de Arnhemse villamoord in 1998, vordert om aan verweerder een verbod op te leggen tot het doen van uitlatingen, die eiseres op ongunstige wijze in verband brengen met deze moord. De voorzieningenrechter wijst de vordering af. Aangezien er geen juridische basis is voor oplegging van een verbod tot het doen van uitlatingen voor zover die uitlatingen niet onrechtmatig, maar wel ongunstig zijn voor eiseres, is dit gedeelte van het gevorderde reeds niet toewijsbaar. Voor zover met ongunstige uitlatingen ook onrechtmatige uitlatingen worden bedoeld, oordeelt de voorzieningenrechter dat eiseres heeft nagelaten om de door haar gestelde toekomstige onrechtmatige uitlatingen van verweerder te concretiseren. Het door eiseres gevorderde verbod is derhalve zodanig algemeen geformuleerd dat het, mede gelet op de gevorderde dwangsom, als onvoldoende specifiek wordt afgewezen. Ook de vordering tot betaling van een voorschot op een aan eiseres toekomende vergoeding van materiële en immateriële schade wordt afgewezen, wegens het ontbreken van spoedeisend belang. Proceskosten: € 1.278.

IEPT20140606, Rb Limburg, Uitlatingen Arnhemse villamoord