Geen verwarringsgevaar tussen "APRO" en oudere merken met woordelement "PRO" voor o.a. fietsen
20-02-2015 Print this page
Gemeenschapsmerk – Beroep ingesteld door de houder van de nationale en communautaire beeldmerken met de woordelementen „B-PRO by Boomerang” en de gemeenschapswoordmerken „PRO MOUNTAIN” en „PRO OUTDOOR” voor waren van klasse 12, en strekkende tot vernietiging van beslissing R 196/2011 2 van de tweede kamer van beroep van het BHIM houdende verwerping van het beroep tegen de beslissing van de oppositieafdeling waarbij verzoeksters oppositie tegen de aanvraag om inschrijving van het beeldmerk met het woordelement „APRO” voor waren van klasse 12 is afgewezen.
Het beroep wordt verworpen. Het BHIM heeft terecht geoordeeld dat er geen sprake is van verwarringsgevaar tussen het aangevraagde beeldmerk met het woordelement “APRO” en de oudere merken. Het hogere niveau van aandacht van het relevante publiek en het feit dat de gelijkenis tussen de tekens zwak is, leidt er toe dat er geen verwarringsgevaar bestaat tussen het oudere Spaanse beeldmerk “B-PRO by Boomerang” en het aangevraagde merk. Met betrekking tot de gemeenschapswoordmerken zijn er zeer grote visuele en fonetische verschillen tussen de oudere woordmerken “PRO OUTDOOR” en “PRO MOUNTAIN” enerzijds en het aangevraagde merk anderzijds. Voor het Engelssprekend publiek zullen er ook conceptuele verschillen zijn nu de oudere merken verwijzen naar bergen en de natuur, en het aangevraagde merk dit niet doet. Dit allen leidt er toe dat de overeenstemming tussen de merken zwak of zeer zwak is, en er geen gevaar voor verwarring bestaat.
45 In the present case, given the fact that the relevant public has a higher level of attention than normal and the fact that the similarity between the signs at issue is weak, it is clear that the Board of Appeal was right to find that there was no likelihood of confusion between the mark applied for and the earlier Spanish mark, despite the identity or similarity of the goods respectively covered.
49 […] Second, it must be found that, visually and phonetically, there are very considerable differences between, on the one hand, the Community word mark PRO MOUNTAIN and the Community word mark application PRO OUTDOOR and, on the other, the mark applied for, owing to the presence, respectively, of the elements ‘mountain’ and ‘outdoor’. Conceptually, those earlier rights can be understood — in particular by the English-speaking part of the relevant public as well as by those members of the public with a basic knowledge of the English language — as referring to the professional domain of the mountains or the outdoors, such a perception being out of the question in the case of the mark applied for. For the rest of the relevant public, no conceptual implications will be associated with those rights and, accordingly, the conceptual comparison will be neutral. In those circumstances, it must be found that, on the basis of an overall impression, the similarity between the signs at issue is either weak or very weak. In the light of all those considerations, the Board of Appeal was right to rule out the existence of a likelihood of confusion between the mark applied for and the other rights relied on in support of the opposition.
Lees het arrest hier.