Geen spoedeisend belang door drie jaar te wachten na sommatie tegen gewraakte carnavalskleding

11-02-2015 Print this page
IEPT20150205, Rb Den Haag, Carnavalskleding

Geen spoedeisend belang bij inbreukvorderingen: drie jaar gewacht na sommatie, terwijl [Y] al die tijd de gewraakte carnavalskleding heeft verhandeld. [X] sinds 2011 niet meer actief op markt voor carnavalskleding en onvoldoende aannemelijk dat [X] markt weer zal betreden.

 

PROCESRECHT

 

Kort geding. Nadat de onderneming van [Y] failliet was gegaan, is [Y] gaan samenwerken met [X] en is de onderneming Trafatex gestart door partijen. Trafatex bracht vanaf 2007 jaarlijks een collectie carnavalkostuums op de markt. In 2010 zijn bij overeenkomst kort gezegd de IE-rechten van Trafatex aan [X] overgedragen. Kort daarna ging Trafatex failliet. Vervolgens is [Y] een nieuwe onderneming gestart die vanaf 2011 carnavalskleding op de markt brengt. Bij brief van 1 augustus 2011 is [Y] door [X] gesommeerd om de verkoop van de kleding te staken. Bij brief van 12 december 2014 is [Y] opnieuw aangeschreven. [X] vordert staking van de inbreuk op haar auteursrechten, dan wel van de slaafse nabootsing van de carnavalskleding.

 

De voorzieningenrechter oordeelt dat [X] geen spoedeisend belang heeft bij haar vorderingen en verklaart [X] niet-ontvankelijk. Hierbij weegt de voorzieningenrechter mee dat [X] drie jaar heeft gewacht na haar eerste sommatie, terwijl [Y] al die tijd de gewraakte carnavalskleding heeft verhandeld. Ook wordt meegewogen dat [X] sinds 2011 niet meer actief op de markt voor carnavalskleding is. Het is onvoldoende aannemelijk dat [X] plannen heeft om de markt weer te betreden en dat die plannen al vóór of tijdens het carnavalsseizoen van 2015 verwezenlijkt zullen (kunnen) worden. Het belang van [Y] om haar activiteiten vlak voor en tijdens de carnavalsperiode – de belangrijkste verkoopperiode van het jaar - voort te kunnen zetten weegt zwaarder. Een voorlopig verbod in deze commercieel belangrijkste periode zou volgens [Y] het voortbestaan van de onderneming in gevaar kunnen brengen, hetgeen [X] niet heeft betwist.

 

IEPT20150205, Rb Den Haag, Carnavalskleding
 

(kopie origineel vonnis)