Voorlopig deskundigenbericht naar overeenkomsten broncode Autodesk en ZWCAD+

10-07-2015 Print this page
IEPT20150708, Rb Den Haag, Autodesk v ZWSoft
(Met dank aan Mark Egeler, Freshfields Bruckhaus Deringer)

Rechtbank bevoegd: gaat ervan uit bevoegd te zijn in bodemprocedure, door stelling Autodesk dat ZWSoft in Nederland inbreuk maakt op haar auteursrecht. Geen aanhouding beslissing over deskundigenbericht tot in Amerikaanse zaak is beslist: staat los van vraag of bodemzaak moet worden aangehouden en niet nodig voor proceseconomie. Verzoek voldoet aan eisen artikel 202 Rv: dient ertoe bewijs te verkrijgen van feiten die Autodesk in Nederlandse bodemprocedure moet bewijzen. Inzage door deskundige in broncodes ZWCAD+ toegestaan: rechtmatig belang door redelijk vermoeden van inbreuk. Dat broncode bedrijfsgeheim is geen gewichtige reden door maatregelen om vertrouwelijkheid te beschermen. Vragen aan deskundige over overname broncode van AutoCAD in broncode ZWCAD+ 2012/2014.

 

IPR – DESKUNDIGENBERICHT – INZAGE

 

Autodesk stelt dat ZWCAD+ inbreuk maakt op haar Autodesk-software. Bij vonnis van 12 mei 2014 (IEPT20140512) heeft de voorzieningenrechter ZWSoft bevolen een kopie van de broncodes van ZWCAD+ af te geven aan een gerechtelijke deurwaarder. Op 26 maart 2014 is in Amerika door Autodesk een procedure aanhangig gemaakt. De Amerikaanse rechter heeft in de discovery bevolen dat partijen de broncodes van AutoCAD en ZWCAD+ aan elkaar moeten overleggen, zodat die kunnen worden vergeleken door deskundigen van partijen. Autodesk verzoekt de rechtbank nu een voorlopig deskundigenbericht te bevelen ter beantwoording van de vraag of delen van de broncode van AutoCAD zijn overgenomen in de broncodes van ZWCAD+.

 

De rechtbank acht zich bevoegd om kennis van het verzoek te nemen. De rechtbank mag voor de vaststelling van de bevoegdheid uitgaan van die stellingen van Autodesk, die inhouden dat ZWSoft in Nederland inbreuk maakt op haar auteursrecht. De vraag of die stellingen gegrond zijn, behoort volgends de rechtbank tot het onderzoek ten gronde in de bodemprocedure. De beslissing over het verzoek wordt niet aangehouden. De aanhouding van het verzoek staat los van de vraag of de bodemzaak moet worden aangehouden, alleen al omdat het verzochte voorlopig deskundigenbericht uit de aard der zaak juist vooruitlopend op de eindbeslissing in de hoofdzaak van de bodemprocedure moet worden uitgevoerd. Voorts is het vanuit het oogpunt van de proceseconomie niet nodig de resultaten van de broncodevergelijking in het kader van de Amerikaanse discovery af te wachten. Dat onderzoek heeft deels een andere reikwijdte dan het onderzoek waarom Autodesk in deze procedure verzoekt, en zal niet worden uitgevoerd door een onafhankelijke gerechtelijke deskundige, maar door partij deskundigen.

 

Het verzoek voldoet volgens de rechtbank aan de eisen van artikel 202 Rv, aangezien het ertoe dient om bewijs te verkrijgen van feiten die Autodesk in de Nederlandse procedure moet bewijzen. Om te bepalen of het verzochte onderzoek kan worden toegestaan moet aan de hand van artikel 843a Rv worden getoetst of ZWSoft inzage moet geven in de in bewaring gegeven broncodes. Dat is het geval volgens de rechtbank, nu er een rechtmatig belang is door een redelijk vermoeden van inbreuk en er geen gewichtige reden bij ZWSoft. Dat de broncode bedrijfsgeheim is geen gewichtige reden, aangezien er maatregelen worden genomen omde  vertrouwelijkheid van de broncodes te beschermen. Het verzoek wordt toegewezen.

 

IEPT20150708, Rb Den Haag, Autodesk v ZWSoft

(kopie origineel vonnis)