Rectificatie van mededeling dat appellant op staande voet is ontslagen afgewezen
11-08-2015 Print this page
Geen rectificatie van mededeling dat appellant op staande voet is ontslagen: onrechtmatig handelen werkgever onvoldoende aannemelijk en geen belang nu drie jaar is verstreken
PUBLICATIE
Appellant was in dienst bij geïntimeerde en is na verloop van tijd op staande voet ontslagen. Volgens geïntimeerde negeerde en schond appellant bewust instructies en personeelsvoorschriften van de directie, sprak hij herhaaldelijk negatief over geïntimeerde en haar bestuur en directie, voerde hij zijn taken en werkzaamheden moedwillig niet naar behoren uit en keek hij veelvuldig op seks-websites. Appellant stelt in hoger beroep onder andere dat het het ontslag op staande voet niet onverwijld is gegeven en vordert rectificatie van zijn ex-werkgever. Aan dit laatste legt hij ten grondslag dat hij volgens hem ten onrechte is ontslagen op een zeer diffamerende wijze en breed bekend is dat hij ontslagen zou zijn omdat hij ‘porno’ zou hebben bekeken. Hij stelt dat hij er recht en belang bij heeft dat zijn goede naam wordt hersteld middels de verklaring.
Na de arbeidsrechtelijke vorderingen te hebben beoordeeld, waarbij onder andere wordt geoordeeld dat appellant ten onrechte op staande voet is ontslagen, oordeelt het hof als volgt over de rectificatievordering. Appellant heeft volgens het hof onvoldoende gesteld om de conclusie te kunnen rechtvaardigen dat geïntimeerde onrechtmatig jegens hem heeft gehandeld. Evenmin heeft appellant voldoende onderbouwd welk belang hij bijna drie jaar na zijn (gedwongen) vertrek bij geïntimeerde nog heeft bij de gevorderde rectificatie. Dat geïntimeerde derden heeft geïnformeerd over de redenen waarom zij appellant heeft ontslagen heeft appellant niet onderbouwd, anders dan door verwijzing naar een processtuk in de gerechtelijke procedure tussen geïntimeerde en Deelen. Het enkele feit dat geïntimeerde destijds haar klanten en relaties heeft geïnformeerd dat appellant was ontslagen rechtvaardigt geen rectificatie als gevorderd bijna drie jaar na het ontslag.