Uitlatingen advocaat over voormalig cliënt vallen niet onder verbod uit eerder executievonnis
15-09-2015 Print this page
Nieuw gebleken feiten brengen mee dat gewraakte uitlatingen niet onder het verbod uit het eerdere vonnis vallen
PUBLICATIE - EXECUTIEGESCHIL
Bekrachtigd: IEPT20141223. Hoger beroep. Bij vonnis van 6 december 2010 heeft de voorzieningenrechter geoordeeld dat eiser (een advocaat) zich op grond van de gedragsregels niet jegens derden negatief mocht uitlaten over de persoon van gedaagde. Op 26 september 2014 is een boek in de handel verschenen met een biografie van eiser, waarin in negatieve bewoordingen over gedaagde wordt gesproken. Gedaagde heeft eiser bevel gedaan om verbeurde dwangsommen van € 15.000 te voldoen wegens overtreding van het vonnis. Eiser vordert staking van de executie van het vonnis. Gedaagde gaat in hoger beroep en vordert handhaving van het verbod en betaling van verbeurde dwangsommen wegens drie gestelde overtredingen van het bij het vonnis opgelegde verbod. Geïntimeerde (eerder eiser) vordert de executie te staken.
Zoals ook de voorzieningenrechter in het bestreden vonnis heeft overwogen is het hof van oordeel dat deze laatste uitspraak van het Hof van Discipline, waarbij omstandigheden zijn meegewogen die niet in eerdere tuchtrechtelijke uitspraken, noch in het vonnis van 6 december 2010 of het vonnis van 2 april 2014, aan de orde zijn geweest, moet worden betrokken bij de boordeling van het onderhavige geschil. Door deze nieuwe omstandigheden is het hof van oordeel dat de uitlatingen niet onder het verbod van 6 december 2010 vallen.