Kort geding leent zich niet voor toewijzen betalingsvorderingen met verbod aan gedaagden om rechten voor te behouden m.b.t. standpunt over de wet en het Convenant. Gedaagden mogen niet aan betaling de voorwaarde verbinden dat CBO’s zich neerleggen bij interpretatie gedaagden van deze kwesties. Gedaagden hebben echter ondubbelzinnig toegezegd te betalen zonder vooraf voorwaarden te stellen. Gevorderde maandelijkse opgave aantal abonnees afgewezen.
OVEREENKOMST - AUTEURSRECHT - PROCESRECHT
Eiseressen LIRA, NORMA en VEVAM (hierna gezamenlijk aangeduid als de CBO’s) zijn collectieve beheersorganisaties. RODAP is een verbond van producenten, televisiedistributeurs en omroepen. Gedaagden 2-15 zijn lid van RODAP, NLKabel is een belangenvereniging voor kabelbedrijven en STOPNL is een collectieve beheersorganisatie voor in Nederland gevestigde producenten van speelfilms, televisieprogramma’s, animatiefilms en documentaires. De (technische) doorgifte van televisiesignalen is de afgelopen jaren gewijzigd en door technische ontwikkelingen zijn er nieuwe distributievormen van televisie ontstaan zoals digitale televisie, televisie via satelliet en televisie via internet. Eind 2014/2015 hebben onderhandelingen plaatsgevonden over een collectieve vergoeding op grond waarvan een aantal afspraken zijn gemaakt die in een Convenant zijn vastgelegd. LIRA vordert nu o.a. nakoming van het Convenant, betaling van gevorderde bedragen en een verbod aan gedaagden om rechten voor te behouden met betrekking tot hun standpunt over de wet en het Convenant. Alle vorderingen worden afgewezen.
De voorzieningenrechter wijst alle vorderingen van de CBO’s af, aangezien op basis van de huidige stand van zaken onvoldoende aannemelijk is dat de bodemrechter de vorderingen op de gevorderde wijze zal toewijzen. Een kort geding leent zich niet voor het gevraagde verbod met betrekking tot het voorbehoud van het standpunt van gedaagden over de wet en het convenant. Gedaagden mogen echter niet aan de betaling van de bedragen de voorwaarde verbinden dat de CBO’s zich neerleggen bij de interpretatie van gedaagden van deze kwesties. RODAP heeft echter in de brieven van 13 november 2015 en 13 januari 2016 ondubbelzinnig toegezegd de bedragen te betalen zonder daaraan vooraf voorwaarden te stellen.
De gevorderde maandelijkse opgave van het aantal abonnees wordt afgewezen. Gedaagden hebben aangevoerd dat de CBO’s de distributeurs op dit punt niet duidelijk hebben gesommeerd en dat zij hierin niet te kort schieten, aangezien de gegevens aan Cedar worden beschikbaargesteld, een organisatie die de administratie voor Lira en Vevam verzorgt. Het is volgens de voorzieningenrechter onvoldoende duidelijk welke informatie ontbreekt alsook of gedaagden niet alsnog bereid zijn aan de verzoeken van eiseressen te voldoen, al dan niet tegen een (aanvullende) vergoeding.
IEPT20160217, Rb Amsterdam, LIRA v RODAP