Geen tenaamstelling octrooien aangezien waarde hiervan onvoldoende is onderbouwd
25-02-2016 Print this page
Niet aannemelijk dat vordering hoger is dan waarde verpande octrooien, waardoor vordering om octrooien op naam schuldeiser te stellen niet toewijsbaar is
OCTROOIRECHT
In april 2001 heeft eiser een bedrag van NLG 500.000,- geleend aan Sulphide Productions Hong Kong Ltd. Deze lening is neergelegd in een schriftelijke overeenkomst van geldlening en diende volgens die overeenkomst aan eiser te worden terugbetaald, hetgeen niet is gebeurd. Sulphide werkte op dat moment samen met Ceramtrade, die houder was van een octrooi en Sulphide was houder van een ander octrooi. Omdat voor de exploitatie van de Octrooien nieuwe investeringen nodig waren is in 2008 aanvullende financiering verkregen, en ter zekerheid van de nakoming van de terugbetalingsverplichtingen zijn pandrecht op de Octrooien verkregen. Eiser heeft sinds juni 2015 diverse malen verzocht om terugbetaling van zijn lening. Ceraglass heeft tot op heden geen aflossingen op de lening van eiser verricht. Eiser vordert bij de rechtbank dat de octrooien op zijn naam dienen te worden gezet.
De voorzieningenrechter is van oordeel dat de waarde van de octrooien niet is onderbouwd met het oordeel van een onafhankelijke deskundige. Hierdoor kan de rechter niet kan oordelen dat deze waarde hoger of gelijk is aan het onderpand, en wijst hij de vordering van eiser om de octrooien op zijn naam te stellen af.