Geen beroep mogelijk op oneerlijke handelspraktijken (artikelen 6:l93a-j BW): Specsavers is geen consument. Geen beroep mogelijk op misleidende reclame (6:194 BW): reclame richt zich op consumenten en niet op personen die handelen in uitoefening van een bedrijf (B2B). Reclame impliciet vergelijkend: In de reclame wordt impliciet verwezen naar andere aanbieders van hoortoestellen. Geen ongeoorloofde vergelijkende reclame (6:194a BW): de beweringen hebben een subjectief karakter en overdrijven is reclame eigen en de reclame is niet onnodig denigrerend. Geen sprake van misleidende mededeling: de vermelding dat Beter Horen geen gratis hoortoestellen aanbiedt is juist en suggestie dat anderen dat wel doen is ook juist.
RECLAMERECHT
Kort geding. Deze zaak gaat over een reclame van Beter Horen, waarin een yoga-instructrice vraagt "Eehhh... Beter Horen, doen jullie óók aan gratis hoortoestellen?". Daarop antwoordt de voice-over: "Eerlijk gezegd, Eva: met je gehoor stunten we liever niet. Je oren verdienen wel beter. Kom dus voor een écht goed advies naar dé hoorspecialist. Want beter horen begint met Beter Horen." Specsavers stelt dat Beter Horen hiermee (onder meer) een oneerlijke handelspraktijk verricht (6:193a-j BW), misleidende reclame maakt (6:194 BW), ongeoorloofde vergelijkende reclame maakt (6:194a BW) en onrechtmatig handelt (6:162 BW). De vorderingen worden afgewezen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat Specsavers zich niet op 6:193a-j BW kan beroepen omdat zij geen consument is, en evenmin op 6:194 BW omdat die bepaling alleen ziet op 'B2B-reclame'.
Ten aanzien van de stelling dat sprake is van ongeoorloofde vergelijkende reclame, is het volgens de voorzieningenrechter allereerst de vraag is of er sprake is van vergelijkende reclame. Nu de naam van Specsavers niet wordt genoemd, kan hooguit sprake zijn van impliciete vergelijkende reclame. Met de toevoeging “ook” in de zin “Doen jullie óók aan gratis hoortoestellen?” wordt impliciet verwezen naar andere aanbieders van hoorapparaten. Voldoende aannemelijk is dat de gemiddelde geïnformeerde, omzichtige en oplettende gewone consument daarbij mogelijk aan Specsavers zal denken, nu is aangetoond dat Specsavers op grote schaal adverteert met de slogan ‘gratis hoortoestel(len)’. Volgens de voorzieningenrechter is in dit geval sprake van geoorloofde vergelijkende reclame. Beter Horen mag de suggestie wekken dat haar hoortoestellen beter zijn dan die van de concurrent: dat is immers een suggestie die vrijwel elke reclame wil wekken. De voorzieningenrechter vindt de suggesties die Specsavers voorts in de commercial ziet, dat Specsavers risico zou nemen met het gehoor of zelfs gevaarzettend zou handelen te vergezocht.
De voorzieningenrechter ziet ten slotte niet in welke (andere) misleidende mededeling Beter Horen in de reclame doet. Er wordt geen mededeling gedaan die onjuist of onvolledig is en er worden geen feitelijke mededelingen gedaan die Beter Horen niet waar kan maken. De vermelding dat Beter Horen geen gratis hoortoestellen aanbiedt is juist, en de suggestie dat andere aanbieders van hoortoestellen dat wel doen is eveneens juist.
IEPT20160226, Rb Amsterdam, Specsavers v Beter Horen
(Kopie originele vonnis)