Deel van eiswijzigingen toegestaan, deel afgewezen

17-06-2016 Print this page
IEPT20160614, Hof Den Haag, Spirits v FKP

Eiswijziging tot nietigverklaring STOLI-merken op grond van overeenstemming “STOLICHNAYA”-merk toegestaan: beroep op nietigheid op grond van “sub b” geen eiswijziging, voor zover beroep op “sub c” wordt bedoeld wel eiswijziging, geen grief gericht tegen oordeel Rb dat “STOLICHNAYA”-merk bekend is, waardoor dit niet hoeft te worden onderzocht, waardoor dit niet hoeft te worden onderzocht en overeenstemmingsvraag komt zowel bij “sub b”-grond als “sub c”-grond aan de orde, waardoor geen Spirits niet onredelijk in verdediging wordt geschaad of het geding onredelijk wordt vertraagd. Eiswijziging met vorderingen tot vervallenverklaring geweigerd: gelden geheel andere eisen voor dan voor vorderingen tot nietigverklaring of inbreukverbod. Wijziging grondslag verbodsvordering naar onrechtmatige daad niet toegestaan: risico voor onredelijke vertraging geding. Uitbreiding inbreukverbod met expliciete uitwerking ten aanzien van gebruik teken STOLI toegestaan: geen onredelijke vertraging geding. Vermeerdering van eis met gevorderde opgave door Spirits-concern niet toegestaan: onredelijke vertraging procedure.

 

PROCESRECHT

 

Hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 25 maart 2015 (IEPT20150325). Spirits heeft in de appeldagvaarding twintig grieven tegen voormeld vonnis aangevoerd. Vervolgens heeft FKP bij memorie van antwoord tevens memorie van grieven in incidenteel appel, tevens wijziging en vermeerdering van eis, met producties ,de grieven bestreden, vijf incidentele grieven tegen het vonnis gericht en haar vorderingen “verduidelijkt, gewijzigd en vermeerderd”. Het hof beoordeelt of deze wijzigingen zijn toegestaan.

 

De eiswijziging tot nietigverklaring van de STOLI-merken op grond van overeenstemming met het : STOLICHNAYA” merk wordt toegestaan. Voor zover hier een beroep op nietigheid op grond van “sub b” wordt gedaan is geen sprake van eiswijziging. Voor zover op “sub c” een beroep wordt gedaan is dat wel het geval. Spirits stelt dat de procedure wordt vertraagd, omdat voor het beroep “sub c” moet worden onderzocht of het “STOLICHNAYA”-merk bekend is. Dit is volgens het hof niet het geval, omdat geen grief is gericht tegen het oordeel van de rechtbank dat sprake is van een bekend merk. Ook wordt geoordeeld dat de overeenstemmingsvraag zowel bij de “sub b” als de “sub c” grond aan de orde komt, waardoor Spirits niet onredelijk in haar verdediging wordt geschaad of het geding onredelijk wordt vertraagd.

 

De eiswijziging met vorderingen tot vervallenverklaring wordt wel gewijzigd, omdat hiervoor geheel andere eisen gelden dan voor vorderingen tot nietigverklaring of een inbreukverbod, waardoor onredelijke vertraging ontstaat. Ook de wijziging van de grondslag van de verbodsvordering naar onrechtmatige daad wordt niet toegestaan door een risico voor onredelijke vertraging van het geding. De uitbreiding van het inbreukverbod met expliciete uitwerking ten aanzien van het gebruik van het teken STOLI wordt toegestaan, omdat dit niet tot onredelijke vertraging leidt. De vermeerdering van eis met de gevorderde opgave door het Spirits-concern wordt echter niet toegestaan, omdat dit tot onredelijke vertraging zou leiden. Hoewel het Spirits-concern hierdoor niet als nieuwe procespartij in het geding wordt betrokken en het blijft gaan om een vordering tegen Spirits, gaat het wel om een verstrekkende vordering, waarbij de belangen van derden zijn betrokken en die tot uitvoerig en nieuw debat (over bijvoorbeeld de gerechtvaardigdheid en redelijkheid van de maatregel) kan leiden.

IEPT20160614, Hof Den Haag, Spirits v FKP

(ECLI-versie)