Artikel 1019h Rv van toepassing op onderhavige procedure: Donders mocht handelen appellante opvatten als (mede) tegen hemzelf gerichte rechtsmaatregelen tot handhaving van merken ROY DONDERS of concrete dreiging daarvan.
PROCESRECHT
Hoger beroep tegen het vonnis van 3 juni 2015, waarin de vorderingen van Donders met betrekking tot het depot te kwader trouw van de Beneluxwoordmerken “ROY DONDERS” door appellante zijn toegewezen, maar de proceskostenveroordeling volgens het liquidatietarief is begroot. In deze procedure heeft appellante Donders in hoger beroep gedagvaard, maar de dagvaarding vervolgens niet aangebracht. Donders heeft de zaak door middel van anticipatie aangebracht en één grief met betrekking tot de proceskostenveroordeling aangevoerd, namelijk dat ten onrechte is geoordeeld dat artikel 1019h Rv niet van toepassing is.
PROCESRECHT
Het hof is van oordeel dat artikel 1019h Rv wel van toepassing is. Donders mocht het handelen van appellante opvatten als (mede) tegen hemzelf gerichte rechtsmaatregelen tot handhaving van het merk ROY DONDERS of een concrete dreiging daarvan. Na opsomming van een aantal omstandigheden concludeert het hof dat appellante met een beroep op haar merkrechten het gebruik door Donders (in samenwerking met derden) van het merk ROY DONDERS heeft belet of heeft geprobeerd te beletten, waarop Donders zich gedwongen zag om de onderhavige procedure tegen appellante te starten. Het vonnis wordt daarom vernietigd met betrekking tot de proceskosten en appellante wordt veroordeeld in de 1019h Rv proceskosten van € 15.121,82 in eerste aanleg en € 2193,19 in hoger beroep.
IEPT20161213, Hof Den Bosch, Roy Donders