Geen auteursrechtinbreuk op barbecue- en grillapparatuur

Print this page 19-06-2017
IEPT20170208, Rb Amsterdam, SHM v Boretti

Alle vorderingen Sure Heat op Boretti aan SHM gecedeerd. Voldoende belang Sure Heat om zich bij cessionaris SHM te voegen. Sure Heat heeft documenten aan Chant ter beschikking gesteld, waarvan Boretti op de hoogte was en op grond waarvan productie huidige buitenkeukens Boretti plaatsvindt. SHM krijgt gelegenheid te bewijzen dat Boretti op de hoogte was van geheimhoudingsovereenkomt tussen SHM en Chant. Geen slaafse nabootsing: SHM brengt geen eigen producten onder eigen naam op Nederlandse markt. Misleidende en oneerlijke handelspraktijk Boretti  jegens consumenten. Oneerlijke handelspraktijk niet onrechtmatig jegens concurrent Sure Heat: niet gesteld dat handelspraktijk Sure Heat schade berokkent. SHM Bernini geen auteursrechtelijk beschermd werk: oorspronkelijk karakter en creatieve keuzes onvoldoende onderbouwd in het licht van het “Umfeld”. SHM Marciano en SHM Da Vinci niet auteursrechtelijk beschermd: modellen waarop zij zijn gebaseerd – die voor het eerst in de VS op de markt kwamen - niet auteursrechtelijk beschermd in de VS. Geen inbreuk op handleidingen die Sure Heat voor Boretti heeft vervaardigd: Boretti is krachtens artikel 8 Aw maker van de handleidingen.

 

BEDRIJFSGEHEIMENONRECHTMATIGE DAAD - ONEERLIJKE HANDELSPRAKTIJKENAUTEURSRECHT

 

Sure Heat hield zich tot 2010 bezig met de verkoop van in de VS geproduceerde (gas)verwarmingsproducten en de verkoop van buiten de V.S. geproduceerde barbecue- en grillapparatuur. Boretti houdt zich bezig met de ontwikkeling, marketing, distributie en verhandeling van losstaande fornuizen en keukenapparatuur. Sure Heat heeft vanaf 2007 ten behoeve van Boretti barbecue- en grillapparatuur vervaardigd in een aantal series. Nadat de relatie tussen partijen was beëindigd in 2012 ontdekte SHM in 2014 dat Boretti buitenkeukens verkocht die sterk leken op de buitenkeukens die Sure Heat gedurende haar relatie met Boretti ten behoeve van Boretti produceerde. Volgens SHM is sprake van onder meer auteursrechtinbreuk, slaafse nabootsing en onrechtmatig handelen.

 

Sure Heat heeft in haar conclusie van antwoord gesteld dat zij (zekerheidshalve) alle aan haar toekomende vorderingen op Boretti, van welke aard dan ook, aan SHM heeft gecedeerd. Aangezien het verweer van Boretti dat de akte van cessie niet aan het bepaalbaarheidsvereiste voldoet onvoldoende is onderbouwd, neemt de rechtbank aan dat SHM vorderingsgerechtigd is voor eventuele vorderingen van Sure Heat op Boretti. Er zijn voor Sure Heat geen vorderingen meer tegen Boretti in te stellen, maar de rechtbank overweegt wel dat Sure Heat als cedent voldoende belang heeft zich in de procedure aan de zijde van de cessionaris te voegen om toewijzing van de vordering te verzekeren.

 

De rechtbank overweegt dat vast staat dat Sure Heat documenten aan Chant ter beschikking heeft gesteld, waarvan Boretti op de hoogte was en op grond waarvan de productie van de huidige buitenkeukens van Boretti plaatsvindt. Boretti betwist echter dat zij op de hoogte was van het bestaan en de inhoud van de tussen Sure Heat en Chant gesloten geheimhoudingsovereenkomst. SHM wordt toegelaten te bewijzen dat Boretti op de hoogte was van de geheimhoudingsovereenkomst. Als SHM slaagt in het van haar gevraagde bewijs, dan staat vast dat Boretti onrechtmatig tegenover Sure Heat heeft gehandeld.

 

De rechtbank volgt SHM niet met haar stelling dat sprake is van slaafse nabootsing, omdat SHM geen eigen producten onder haar eigen naam op de Nederlandse markt brengt. Volgens SHM is Boretti’s handelwijze ook oneerlijk en misleidend. De rechtbank overweegt dat weliswaar sprake is van een misleidende handelspraktijk jegens consumenten, maar niet jegens Sure Heat. De bepalingen zien immers op de bescherming van consumenten en niet op de bescherming van concurrenten. Weliswaar kan een oneerlijke handelspraktijk ook tegenover een concurrent onrechtmatig zijn, maar daartoe dient onder meer vast te staan dat de betreffende handeling aan Sure Heat schade berokken. Aangezien dit niet is gesteld is hiervan geen sprake.

 

Met betrekking tot de auteursrechtelijke grondslag wordt overwogen dat in het licht van de betwisting van Boretti onvoldoende is onderbouwd dat de SHM Bernini een auteursrechtelijk werk is. Ook de SHM Marciano en de SHM Da Vinci zijn niet auteursrechtelijk beschermd. De modellen waarop zij zijn gebaseerd zijn voor het eerst in de VS op de markt gekomen, waar zij niet auteursrechtelijk beschermd zijn. Op grond van de Berner Conventie kan SHM daarom ook geen auteursrechtelijke bescherming in Nederland inroepen. Ook ten aanzien van een aantal handleidingen wordt overwogen dat geen sprake is van auteursrechtinbreuk. Boretti moet krachtens artikel 8 Aw als maker worden gezien van deze handleidingen. Op de handleidingen staat de naam van Boretti vermeld, zonder vermelding van de naam van een natuurlijk persoon. Verder staat vast dat de oorspronkelijke handleidingen door Boretti openbaar zijn gemaakt, eveneens zonder vermelding van de naam van een natuurlijk persoon.

 

SHM heeft niet in strijd gehandeld met artikel 21 Rv. De Nederlandse rechter komt in reconventie rechtsmacht toe op grond van artikel 7(2) Rv, aangezien voldoende samenhang tussen de vordering in conventie en de vordering in reconventie bestaat. SHM heeft zich ook in incident beroepen op verjaring van de reconventionele vordering, maar de rechtbank oordeelt dat de verjaringskwestie in de hoofdzaak moet worden beoordeeld. De rechtbank verwijst de zaak naar de rol.

 

IEPT20170208, Rb Amsterdam, SHM v Boretti

ECLI:NL:RBAMS:2017:2911