Verwarringsgevaar tussen handelsnamen van ondernemingen actief in de uitvaartverzorging

23-10-2017 Print this page
IEPT20170922, Rb Midden-Nederland, Puur

Verwarringsgevaar tussen handelsnamen van twee ondernemingen actief in de uitvaartverzorging: handelsnamen beginnen met het kenmerkende bestanddeel ‘puur’, gevolgd door twee beschrijvende woorden, activiteiten in ieder geval overlappend en werkgebied vertoont eveneens overlap.

 

HANDELSNAAMRECHT

 

Kort geding. Fanatiek geanonimiseerde uitspraak inzake een vermeende inbreuk op de handelsnaam van een onderneming die zich bezighoudt met het begeleiden en verzorgen van uitvaarten, door een onderneming die zich bezighoudt met stervens-, uitvaart- en rouwbegeleiding.

 

De voorzieningenrechter constateert dat beide handelsnamen bestaan uit drie woorden en beginnen met het woord “puur”. Het tweede woord van beide handelsnamen (geanonimiseerd) begint met dezelfde letter, heeft een geringe auditieve overeenstemming (de o-klank in beide woorden) en geen begripsmatige overeenstemming. Het derde woord van de handelsnamen (ook niet genoemd) verschilt auditief maar heeft wel een begripsmatige overeenstemming, omdat beide woorden verwijzen naar het proces van het afscheid nemen van een overledene.

 

De voorzieningenrechter concludeert dat beide handelsnamen beginnen met hetzelfde woord, welk woord volgens de voorzieningenrechter in beide handelsnamen het kenmerkende bestanddeel vormt. Niet alleen omdat de handelsnamen daarmee beginnen, maar ook omdat de overige woorden van de handelsnaam zuiver beschrijvend van aard zijn.

 

Daarnaast stelt de voorzieningenrechter vast dat partijen in ieder geval overlappende activiteiten hebben, namelijk uitvaartverzorging. Ook het werkgebied van partijen vertoont volgens de voorzieningenrechter overlap (“zij hebben beide klanten in [plaatsnaam] en [plaatsnaam]. En eiseres verzorgt voor haar klanten ook regelmatig crematies in [plaatsnaam], nu [plaatsnaam] geen crematorium heeft, en zij daarvoor moet uitwijken naar [plaatsnaam] of [plaatsnaam]”). 

 

Gelet op deze overlap in activiteiten en werkgebied acht de voorzieningenrechter aannemelijk dat het gevaar bestaat dat het publiek vanwege de geringe afwijkingen tussen beide handelsnamen, de ondernemingen van partijen met elkaar zal verwarren. Gedaagde dient het gebruik van de aanduiding ‘puur’ in haar handelsnaam, statutaire naam en domeinnaam te staken.

 

IEPT20170922, Rb Midden-Nederland, Puur

 

ECLI:NL:RBMNE:2017:5061