Vorderingen afgewezen in verband met vernietiging octrooi EP 181 in parallelle zaak
03-04-2018 Print this pageVorderingen in hoofdzaken afgewezen vanwege vernietiging octrooi EP 181 in eindvonnis in parallelle zaak tussen Teva en Icos (IEPT20180314). Icos veroordeeld in 1019h Rv proceskosten volgens tussen partijen gemaakte afspraken (€75.000 in procedure tegen Teva en Sandoz, € 100.000 in procedure tegen Mylan).
Vervolg op het tussenvonnis van 5 december 2017 (IEPT20171205), waarin de gevorderde provisionele verboden zijn afgewezen en de hoofdzaken zijn aangehouden totdat in de parallelle nietigheidsprocedure tussen Teva en Icos is beslist, gelet op dat de eventuele vernietiging van het octrooi EP 181, dat van belang werd geacht voor de onderhavige zaken. Op 14 maart 2018 oordeelde de rechtbank Den Haag dat octrooi EP 181 nietig is (IEPT20180314).
De voorzieningenrechter wijst de vorderingen in de hoofdzaken af vanwege de vernietiging van het octrooi. Hoewel Icos heeft aangekondigd dat zij overweegt in de bodemprocedure hoger beroep in te stellen van het eindvonnis, ziet zij in het licht van de staande rechtspraak geen basis waarop de vorderingen in de onderhavige hoofdzaken voor toewijzing in aanmerking zouden kunnen komen. Teva, Sandoz en Mylan hebben eveneens verzocht de vorderingen in de onderhavige hoofdzaken af te wijzen. Icos wordt in de proceskosten veroordeeld. Deze bedragen volgens de tussen partijen gemaakte afspraken € 75.000 in de procedure tegen Teva en Sandoz en € 100.000 in de procedure tegen Mylan.
IEPT20180328, Rb Den Haag, Icos v Teva, Sandoz en Mylan