Geen inbreuk op handelsnaamrecht Van Donge & De Roo

30-04-2018 Print this page
IEPT20180426, Rb Rotterdam, Van Donge De Roo v DR Logistics
(Met dank aan Hans Bakker, Avinci Advocaten)

Geen inbreuk op handelsnaamrecht Van Donge & De Roo: onvoldoende onderbouwd dat zij DR als handelsnaam gebruikt, handelsnaam DR Logistics wijkt in meer dan geringe mate af van haar handelsnaam D&R. Geen sprake van onrechtmatig handelen door bewust creëren verwarring: verwarring onvoldoende aannemelijk nu partijen zich op ander marktsegment richten en logo’s verschillen.

 

HANDELSNAAMRECHT - ONRECHTMATIGE DAAD

 

Eiser Van Donge & De Roo is een onderneming die zich bezighoudt met goederenvervoer. Zij stelt dat DR Logistics, een eenmanszaak die zich bezighoudt met logistieke dienstverlening, inbreuk maakt op haar handelsnamen DR en D&R en bovendien onrechtmatig handelt door het opzettelijk creëren van verwarring.

 

Tegenover de gemotiveerde betwisting van DR Logistics heeft Van Donge & De Roo naar het oordeel van de voorzieningenrechter onvoldoende onderbouwd dat zij DR als handelsnaam gebruikt.  De voorzieningenrechter overweegt dat uit ingebrachte afbeeldingen waarop het logo van Van Donge & De Roo (bestaande uit de- elkaar overlappende - letters DR, al dan niet aangevuld met de tekst Van Donge & De Roo B.V. shipping & forwarding) te zien is, niet volgt dat DR ook als handelsnaam wordt gebruikt.

 

Dat Van Donge & De Roo D&R als handelsnaam gebruikt is niet in geschil. De handelsnaam DR Logistics wijkt hier volgens de voorzieningenrechter echter van af door de toevoeging van het woord 'logisitics' en het ontbreken van het &-teken, waardoor van inbreuk geen sprake is.

 

Ook van de gestelde onrechtmatige daad door het bewust creëren van verwarring is volgens de voorzieningenrechter geen sprake nu verwarringsgevaar onvoldoende aannemelijk wordt geacht. In dit kader overweegt de voorzieningenrechter onder meer dat partijen zich op een ander segment van de markt richten en de logo’s van partijen verschillen.

 

De vorderingen van Van Donge & De Roo worden op grond van het bovenstaande verworpen, waarbij zij als de in het ongelijk gestelde partij wordt veroordeeld in de proceskosten ex art 1019h Rv, aan de zijde van DR Logistics begroot op ruim € 3.000. Er wordt hierbij geen onderscheid gemaakt tussen de kosten voor het IE-gedeelte en het OD-gedeelte.

 

IEPT20180426, Rb Rotterdam, Van Donge & De Roo v DR Logistics

 

ECLI:NL:RBROT:2018:5619