Rijksuniversiteit Groningen auteursrechthebbende van door docent uit eigen beweging bewerkte syllabi

24-08-2018 Print this page
IEPT20180612, Rb Overijssel, RUG

(Delen van) door voormalig docent van de Rijksuniversiteit Groningen bewerkte syllabi vormen auteursrechtelijk beschermd werk: wijzigingen in opzet en volgorde vloeien voort uit een persoonlijke visie en dragen daarmee een eigen en persoonlijk stempel. Auteursrecht op syllabi berust op grond van artikel 7 Aw bij de universiteit: werkzaamheden verricht ten behoeve van dienstbetrekking, dat docent werkzaamheden in eigen tijd en op eigen computer heeft verricht doet daar niet aan af, dat de RUG geen expliciete opdracht heeft gegeven tot bewerken syllabi maakt dat niet anders. Beroep op persoonlijkheidsrechten strandt: nu RUG wordt aangemerkt als maker is zij ook berusten persoonlijkheidsrechten bij haar, gelet op discussie over vraag of persoonlijkheidsrechten wel aan fictieve maker kunnen toekomen wordt ten overvloede overwogen dat beroep op persoonlijkheidsrecht docent niet zou baten nu het beroep onvoldoende is onderbouwd.

 

AUTEURSRECHT

 

Eiser is oud docent van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) en vordert een schadevergoeding van € 12.500 wegens inbreuk op zijn auteursrecht door het gebruik van door hem bewerkte syllabi. De rechtbank overweegt dat door de toevoegingen en wijzigingen die door de docent zijn aangebracht,  de syllabi een eigen en oorspronkelijk karakter hebben gekregen, dat zich uit in de didactische en creatieve keuzes, zodat (delen van)  de syllabi auteursrechtelijk beschermd zijn.

 

Het auteursrecht ligt volgens de rechter echter niet bij de docent maar bij de RUG. De werkzaamheden aan de syllabi in het verlengde van de aanstelling en de opdracht die [eiser] als werknemer heeft gekregen en worden deze aangemerkt als verricht in het kader van en ten behoeve van zijn dienstbetrekking. De vervaardiging heeft daarmee gestrekt ter vervulling van de dienstbetrekking van de docent zodat het auteursrecht gelet op het werkgeversauteursrecht uit artikel 7 Auteurswet aan de RUG toekomt. De omstandigheid dat de docent de werkzaamheden in eigen tijd en op eigen computer heeft verricht en dat de RUG geen expliciete opdracht heeft gegeven tot het bewerken van de syllabi maakt dat volgens de rechtbank niet anders.

 

Ook het beroep opde  persoonlijkheidsrechten strandt. Nu RUG wordt aangemerkt als maker is zij ook berusten de persoonlijkheidsrechten bij haar, zo oordeelt de rechtbank. Gelet op discussie over vraag of persoonlijkheidsrechten wel aan een fictieve maker kunnen toekomen wordt ten overvloede overwogen dat beroep op persoonlijkheidsrecht docent niet zou baten nu het beroep onvoldoende is onderbouwd.

 

IEPT20180612, Rb Overijssel, RUG

 

ECLI:NL:RBOVE:2018:3065