Oordeel dat herhalen van uitzending ‘Op de vlucht’ niet onrechtmatig is bekrachtigd

Print this page 18-03-2019
IEPT20190312, Hof Arnhem-Leeuwarden, RTL
(Met dank aan Bertil van Kaam, Van Kaam)

Uitzending “Op de vlucht” niet onrechtmatig: betreft feitelijk een herhaling van uitzending 8 mei 2014 met toegevoegde korte epiloog over uitkomst hoger beroep, betreft ernstige zedendelicten, waardoor sprake is van misstand die de samenleving raakt, vanwege ernst van strafbare feiten moet appellant daarover herhaalde aandacht verwachten en dulden, steun in het feitenmateriaal, rekening gehouden met privacy appellant. Toegevoegde epiloog leidt niet tot ander oordeel. Dat RTL appellant niet om reactie heeft gevraagd rechtvaardigt geen beperking uitingsvrijheid RTL. Onvoldoende onderbouwd dat bedreigingen appellant in penitentiaire instelling gevolg zijn van herhaalde uitzending in 2015. 

 

PUBLICATIE

 

Hoger beroep tegen het vonnis van 2 augustus 2017 (IEPT20170802), waarin werd geoordeeld dat het herhalen van een uitzending van het programma “Op de vlucht” niet onrechtmatig is. Het vonnis wordt bekrachtigd. Zie ook IEPT20150710 over de oorspronkelijke uitzending.

 

Appellant stelt allereerst dat ten onrechte is geoordeeld dat de vrijheid van meningsuiting van RTL diende te prevaleren. Het hof oordeelt dat het uitzenden van de uitzending niet onrechtmatig is. Het betreft feitelijk een herhaling van de uitzending van 8 mei 2014 waarbij een korte epiloog over de uitkomst van het hoger beroep is toegevoegd voor de aftiteling. Appellant zijn gelaat is geblurd evenals direct tot hem herleidbare kenmerken, zoals tatoeages en ringen wanneer deze close-up in beeld komen. Ook wordt overwogen dat het onderwerp van de uitzending de arrestatie en veroordeling van appellant wegens een of meer ernstoge zedendelicten is, waarmee sprake is van een misstand die de samenleving raakt. Het recht op vrijheid van meningsuiting brengt mee dat RTL ter uitoefening van haar journalistieke functie daar na de onherroepelijke strafrechtelijke veroordeling van appellant in hoger beroep opnieuw aandacht voor kan vragen, ook al is sinds die veroordeling inmiddels bijna een jaar verstreken. Daarbij heeft te gelden dat appellant, vanwege de aard en ernst van de door hem gepleegde strafbare feiten, uitgebreide en herhaalde berichtgeving daarover in de media kan verwachten en ook heeft te dulden. Ten slotte wordt nog in aanmerking genomen dat hetgeen in de herhaalde uitzending is weergegeven steun vindt in het door appellant niet betwiste feitenmateriaal en dat in de weergave van de beelden van appellant rekening is gehouden met de privacy van appellant. De door RTL toegevoegde epiloog, die nog geen minuut duurt en die slechts vermeldt dat appellant in hoger beroep is veroordeeld tot zeven jaar leidt niet tot een ander oordeel.

 

Dat RTL appellant niet om een reactie heeft gevraagd en deze reactie niet heeft toegevoegd aan de uitzending rechtvaardigt geen beperking van de uitingsvrijheid van RTL. Ook is onvoldoende onderbouwd dat de bedreigingen van appellant in de penitentiaire instelling het gevolg zijn van de herhaalde uitzending.

 

De IEPT-versie volgt.

 

ECLI:NL:GHARL:2019:2233