Formula E niet snel genoeg: bewijs normaal gebruik te laat ingebracht en hoger beroep te laat ingesteld

Print this page 12-04-2019
IEPT20190410, HvJEU, The Green Effort v EUIPO

Gerecht heeft geen blijk gegeven van onjuiste rechtsopvatting door te oordelen dat termijn voor het instellen beroep was verstreken: artikel 4 lid 4 van het besluit betreffende elektronische mededelingen van en aan het Bureau moet aldus worden uitgelegd dat een kennisgeving zal worden geacht te hebben plaatsgevonden op de vijfde kalenderdag na de dag waarop het EUIPO het document in de inbox van de gebruiker heeft geplaatst, tenzij de daadwerkelijke datum van kennisgeving precies kan worden vastgesteld op een andere dag binnen die periode.

 

PROCESRECHT

 

The Green Effort heeft de rechten verkregen op het woordmerk Formula E voor onder meer kleding, tv-uitzendingen en het organiseren van sportevenementen. Het merk is ingeschreven in 2011. De FIA - organisator van onder meer de Formule 1 die sinds 2014 ook de Formule E organiseert - heeft in 2016 vervallenverklaring ingesteld wegens niet gebruik. De nietigheidsafdeling van het EUIPO heeft The Green Effort verzocht om uiterlijk op 21 juni 2016 het bewijs van het normale gebruik van het bestreden merk over te leggen. Omdat het bewijs werd overgelegd op 22 juni 2016 is het niet in aanmerking genomen.

 

De nietigheidsafdeling heeft het bestreden merk in zijn geheel vervallen verklaard. The Green Effort heeft bij het EUIPO beroep ingesteld tegen deze beslissing. Bij de litigieuze beslissing heeft de tweede kamer van beroep van het EUIPO dit beroep verworpen. The Green Effort heeft beroep ingesteld tot vernietiging van de litigieuze beslissing aangezien het volgens haar onmogelijk was om de documenten ten bewijze van het normale gebruik van het bestreden merk toe te zenden wegens technische mankementen van het communicatiesysteem van het EUIPO. Het Gerecht verklaart het beroep niet-ontvankelijk nu het hoger beroep te laat is ingesteld.

 

In de onderhavige beslissing oordeelt het HvJEU dat het Gerecht hiermee geen blijk heeft gegeven van een onjuiste rechtsopvatting. Artikel 4 lid 4 van het besluit betreffende elektronische mededelingen van en aan het Bureau moet aldus worden uitgelegd dat een kennisgeving zal worden geacht te hebben plaatsgevonden op de vijfde kalenderdag na de dag waarop het EUIPO het document in de inbox van de gebruiker heeft geplaatst, tenzij de daadwerkelijke datum van kennisgeving precies kan worden vastgesteld op een andere dag binnen die periode.

 

Aangezien vaststaat dat de vertegenwoordiger van The Green Effort de litigieuze beslissing heeft geraadpleegd op 19 september 2017, deze heeft gedownload en er op dezelfde dag kennis van heeft genomen, heeft het Gerecht derhalve geen blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting door te oordelen dat gelet op de kennisgeving van de litigieuze beslissing op 19 september 2017 de termijn voor het instellen van beroep tegen die beslissing was verstreken op 29 november 2017.

 

IEPT20190410, HvJEU, The Green Effort v EUIPO

 

C282/18 P - ECLI:EU:C:2019:300