Meer gegevens nodig om vast te stellen of vergoeding Persgroep aan freelance journalist billijk is

Print this page 21-05-2019
IEPT20190517, Rb Amsterdam, De Persgroep II
(Met dank aan Paul Kreijger en Dirk Visser, Visser Schaap & Kreijger)

Partijen ex artikel 22 Rv opgedragen alle hen ter beschikking staande stukken in geding te brengen om vast te stellen of  vergoeding aan freelance journalist van € 0,13  per woord billijk is ex artikel 25c lid 1 Aw: of vergoeding billijk is hangt af van alle omstandigheden van het geval, waaronder de aard en omvang van de overgedragen exploitatiebevoegdheid, de marktverhoudingen, exploitatierisico’s en wat in de branche gebruikelijk is, wat journalist per uur overhoudt en hoe dit in verhouding staat tot journalist in loondienst en andere freelance journalisten zijn in dit kader relevante gezichtspunten, deze informatie is deels niet beschikbaar.

 

AUTEURSRECHT

 

Tussenvonnis. Eiseres is freelance journaliste. In de periode 3 november 2017 tot en met 19 december 2017 leverde [eiseres] bij De Persgroep in totaal 9 artikelen aan. Voor deze artikelen kreeg zij betaald op basis van een tarief per woord. De artikelen werden alle geplaatst in de Twentsche Courant Tubantia. Eisteres stelt dat de betaalde vergoeding van € 0,13 per woord niet billijk en acht een vergoeding op basis van € 0,49 per woord billijk.

 

De kantonrechter overweegt dat de te beantwoorden vraag is ook of de vergoeding die eiseres heeft ontvangen al dan niet billijk is als bedoeld in artikel 25c lid 1 Auteurswet. De “bestsellerbepaling” uit artikel 25d is naar het oordeel van de kantonrechter niet op deze zaak van toepassing. De vraag of de vergoeding billijk is, moet volgens de kantonrechter beantwoord worden aan de hand van alle omstandigheden van het geval. Daarbij kan onder meer gedacht worden aan de aard en omvang van de overgedragen exploitatiebevoegdheid, de marktverhoudingen (de onderhandelingspositie van de maker) en de exploitatierisico’s. Voorts is van belang wat in de branche gebruikelijk is. Niet alle relevante gegevens zijn in het geding gebracht. De kantonrechter draagt partijen ex artikel 22 Rv op om alle hen ter beschikking staande relevante stukken in geding te brengen en houdt iedere verdere beslissing aan.

 

IEPT20190517, Rb Amsterdam, De Persgroep II

 

ECLI:NL:RBAMS:2019:3566