Offline kopieën uit (legale) streaming abonnementen en kopieën in de cloud terecht meegenomen in thuiskopieheffing

Print this page 19-09-2019
IEPT20190918, Rb Den Haag, HP v SONT
(Met dank aan ​Joep Meddens, Höcker Advocaten)

Offline opgeslagen werken uit (legale) streaming abonnementen (“offline streaming copies”) terecht meegenomen in thuiskopieheffing: eventuele toestemming heeft geen invloed op billijke compensatie, dat gebruiksmogelijkheden van offline streaming copies zijn beperkt maakt niet dat geen sprake meer is van reproducties die worden gemaakt voor privé gebruik en daarmee om thuiskopieën in de zin van artikel 16c Aw, geen sprake van dubbele compensatie als een rechthebbende voor het maken van offline streaming copies naast deze billijke vergoeding een licentievergoeding ontvangt, Reprobel- arrest van het HvJEU zag op dubbele vergoeding binnen systeem van thuiskopieheffing, de enkele stelling dat bij offline streaming copies de gebruikers geïdentificeerd kunnen worden - nu het abonnement persoonlijk geautoriseerd is - is onvoldoende om te kunnen aannemen dat een forfaitaire heffing vooraf bij fabricaten en importeurs strijdig is met artikel 5 lid 2 ArI. Ook kopieën in de cloud terecht meegenomen in heffing:  artikel 45k Aw ziet alleen op reservekopieën van software, niet aannemelijk dat rechthebbenden geen enkel of slechts zeer minimaal nadeel lijden, het staat lidstaten vrij ervoor te kiezen de thuiskopieheffing voor kopieën in de cloud te leggen op de apparaten waarmee de kopie wordt gemaakt.

 

AUTEURSRECHT

 

Met artikel 16c Aw heeft de Nederlandse wetgever gebruik gemaakt van de in artikel 5 lid 2 sub b Arl geboden mogelijkheid beperkingen te stellen op het reproductierecht ten behoeve van privégebruik. Artikel 16e Aw bepaalt dat het maken van thuiskopieën geen inbreuk vormt op het auteursrecht en dat daarvoor een billijke vergoeding is verschuldigd aan de rechthebbende. De vergoeding moet worden betaald door de fabrikant of de importeur van de voorwerpen, die bestemd zijn om een werk ten gehore te brengen, te vertonen of weer te geven.

 

HP c.s. stelt dat bij de vaststelling van de hoogte van de thuiskopievergoeding is uitgegaan van juridisch onjuiste uitgangspunten, aangezien: (i) offline streaming copies - te weten kopieën die consumenten kunnen maken in het kader van hun streaming-abonnement (waarbij de mogelijkheid tot het maken van offline opslag als faciliteit van het abonnement aan de consument wordt vermarkt) ten onrechte zijn meegenomen bij het bepalen van de hoogte van de thuiskopievergoeding; en (ii) de beweerdelijke schade bij het maken van kopieën in de cloud ten onrechte wordt meegerekend bij het bepalen van de hoogte van de thuiskopievergoeding op computers en smartphones.

 

De rechtbank wijst de vorderingen af. Eventuele toestemming heeft volgens de rechtbank geen invloed op billijke compensatie. Dat gebruiksmogelijkheden van offline streaming copies zijn beperkt (daar deze bijvoorbeeld niet meer beschikbaar zijn na beëindiging van het abonnement) maakt naar het oordeel van de rechtbank niet dat geen sprake is van reproducties die worden gemaakt voor privé gebruik en daarmee om thuiskopieën in de zin van artikel 16c Aw. Ook is volgens de rechtbank geen sprake van dubbele compensatie als een rechthebbende voor het maken van offline streaming copies naast deze billijke vergoeding een licentievergoeding ontvangt. Het Reprobel- arrest van het HvJEU zag op dubbele vergoeding binnen het systeem van thuiskopieheffing. Tot slot oordeelt de rechtbank dat de enkele stelling dat bij offline streaming copies de gebruikers geïdentificeerd kunnen worden - nu het abonnement persoonlijk geautoriseerd is - onvoldoende is om te kunnen aannemen dat zich hier een situatie voordoet waarin een forfaitaire heffing van thuiskopievergoeding vooraf bij fabricaten en importeurs strijdig is met artikel 5 lid 2 ArI.

 

Ook kopieën in de cloud zijn volgens de rechtbank terecht meegenomen in de thuiskopieheffing. Artikel 45k Aw - inzake voor het beoogde gebruik noodzakelijke kopieën - ziet alleen op reservekopieën van software. Nu gesteld noch gebleken is dat de personen die deze kopieën maken, bij het ontbreken van de thuiskopieregeling bereid zouden zijn geweest om enig bedrag te betalen om die kopie te mogen maken, kan evenmin worden aangenomen dat de rechthebbenden geen enkel of slechts zeer minimaal nadeel lijden door privé kopieën in de cloud. Tot slot staat het lidstaten vrij ervoor te kiezen de thuiskopieheffing voor kopieën in de cloud te leggen op de apparaten waarmee de kopie wordt gemaakt, zo concludeert de rechtbank.

 

IEPT20190918, Rb Den Haag, HP v SONT

 

ECLI:NL:RBDHA:2019:9876